Discussie over de Astrotest

[inleiding]

Brief 13 van Rob Nanninga, skepticus

Beste Lea Manders,

Onze discussie levert inderdaad niks op, zodat anderen er maar over moeten oordelen. Ik ben het op alle punten met u oneens. U beweert dat u valide argumenten geeft tegen de Astrotest, maar dat is niet het geval.

Nogmaals: ik heb gekeken of astrologen konden wat ze dachten te kunnen. Dat is het enige wat ik kan onderzoeken. De meest opmerkelijke uitkomst was dat hun oordelen onderling in het geheel niet met elkaar overeenstemden.

Op basis van de informatie die de deelnemers over zeven personen kregen, probeerden ze vast te stellen welke geboortehoroscoop het beste bij elk van de personen paste. Dat lukte niet beter dan wanneer ze zomaar wat hadden ingevuld zonder naar de horoscopen te kijken. Wanneer u meent dat de astrologen niet de juiste vragen stelden of niet voldoende relevante informatie ontvingen om het onderscheid te kunnen maken, dan moet u ook kunnen aangeven welke informatie naar uw oordeel betere resultaten zou opleveren.

Ik vermoed dat iedere test die niet het gewenste resultaat oplevert in uw ogen slecht is. Dat lijkt me een dogmatische houding zolang als u niet vertelt hoe er een deugdelijke test kan worden uitgevoerd die wel uw goedkeuring kan wegdragen. U maakt zich op deze manier immuun voor alle onderzoeksresultaten (en dat zijn er al behoorlijk veel!). Als u er al bij voorbaat zeker van bent dat astrologen betrouwbare informatie uit een horoscoop kunnen halen, dan zal geen enkel onderzoeksresultaat u ooit op andere gedachten kunnen brengen.

Uw eigen onderzoeksvoorstel is volkomen onbetrouwbaar. U wilt ouders vragen of ze tevreden zijn over de horoscoopinterpretatie die ze vroeger voor hun kind hebben laten maken. Maar op deze manier kunt u onmogelijk aantonen dat de correcte horoscoop betere informatie oplevert dan een horoscoop die bij een andere persoon hoort. U kunt de mate waarin de ouders instemmen met de horoscoopinterpretatie nergens mee vergelijken en hun beoordeling is bovendien partijdig. Op deze manier meet u hoofdzakelijk hoeveel geloof cliënten aan astrologie hechten, waarbij uw onderzoeksgroep zich beperkt tot degenen die de horoscoopduiding van hun kind jarenlang hebben bewaard. Als u meent dat dit de manier is om aan te tonen dat astrologie werkt, dan heeft u er niets van begrepen.

U schrijft dat de astrologie zich in de ogen van astrologen dagelijks in de praktijk bewijst. Een astroloog kan inderdaad de indruk krijgen dat de planeetstanden in de horoscoop goed bij de cliënt passen. Maar dat betekent niet dat andere planeetstanden minder goed passen. Astrologen geloven dat ze de correcte geboortegegevens nodig hebben. Maar dat is slechts een dogma dat ze nooit op de proef stellen.

Om het te onderzoeken, hoeft u niets te weten van het bewijzen van natuurwetten. U hoeft de astrologen ook niet in een keurslijf te dwingen. Het gaat er louter om dat de beoordeling onpartijdig geschiedt, en daar kan geen zinnig mens bezwaar tegen hebben.

Als astrologen kunnen vaststellen dat een geboortehoroscoop bruikbare informatie oplevert en goed bij de cliënt past, dan moeten ze ook in staat zijn om vast te stellen dat een andere horoscoop minder goed past. Probeert u dat maar eens te ontkennen!

In plaats daarvan klaagt u dat ik heb gesproken over een ‘gratis loterij’. Maar u heeft schijnbaar niet helemaal begrepen waar het over ging. Naarmate er meer deelnemers waren, nam de kans toe dat Skepsis de 5000 gulden zou moeten uitbetalen aan iemand die toevallig alle antwoorden goed had. Daar was de test uiteraard niet voor bedoeld, zodat we besloten het aantal deelnemers tot 50 te beperken. “Met meer deelnemers zou de test wat al te veel op een gratis loterij gaan lijken”, schreef ik, want iedere deelnemer had een kans van 1 op 5040 om toevallig de hoofdprijs te winnen.
Met vriendelijke groet,

Rob Nanninga