Rubriek Parariteiten – 19

Met tekeningen van Jaap van den Born

Skepter 19.1 (2006)

Tekening van Jaapo van den Born
Wát nou ‘placebo-effect’! Ben je weer aan het stoken Judas?

1. De inquisitie uit Hoorn

Actrice Shireen Strooker is inmiddels de 70 gepasseerd en ze werd op 4 februari 2006 door Arjan Visser voor Trouw geïnterviewd. Het interview volgt, zo als gebruikelijk bij Visser, losjes de zogeheten tien geboden. Bij het gebod ‘Gij zult niet doodslaan’ barstte ze los. ‘Ik ken een man die alles kapot maakt. Hij heet Renckens en is gynaecoloog te Hoorn. Als voorzitter van de Stichting Skepsis lijkt hij erop uit mensen die hij niet begrijpt, voor wie hij kennelijk doodsbang is, met de grond gelijk te maken. Wat zijn club probeert met Robbert van den Broeke … ik kan er niet aan denken zo erg is het. […] [Robbert] maakt foto’s van Orbs – je weet wat Orbs zijn? Orbs zijn lichtbollen van verschillende kleuren waar degelijk, wetenschappelijk onderzoek naar is gedaan. Simpel gezegd, zijn het vormen van bewustzijn. Maar nee, volgens de firma Skepsis worden die “afbeeldingen” veroorzaakt door stof op de lens … Het is werkelijk te kinderachtig voor woorden. Zonder enige kennis, zonder je ook maar ergens in te willen verdiepen, roepen ze dat de ander een oplichter is! Schande. En ze gaan maar door, het lijkt de Spaanse inquisitie wel.’ Mevrouw Strooker besluit het interview met een wensdroom: een musical over Robbert met Men in Black van Skepsis.

Voor de goede orde: de voorzitter van Skepsis is niet Renckens, en Skepsis beweert dat lichtbollen stof of druppeltjes zijn die vlak vóór de lens zweven (dat is wat anders dan stof dat óp de lens zit), en hoewel de onthullingen omtrent Robbert van den Broeke hebben geleid tot afgelasting van de herhalingen van zijn programma maar ook tot interviews en optreden bij Jensen, heeft Skepsis nog nooit iemand een haar gekrenkt, laat staan op de brandstapel gezet. (jwn)

Naar overzicht Parariteiten

2. Judas

De Blijde Boodschap van het christendom is in essentie een eenvoudig verhaal over de populaire prediker Jezus. De mensen volgden hem in drommen, en toen hij Jeruzalem binnenkwam werd hij toegejuicht door een flinke menigte, waardoor hij zich aangemoedigd voelde om de plaatselijke tempel te zuiveren. De religieuze elite die toch al niets van de man moest hebben, werd er niet vrolijker van, ook al niet omdat hij ze tamelijk grof had uitgescholden (huichelaars, gepleisterde graven vol verrotting). Vanaf dit punt wordt het verhaal in snel tempo onwaarschijnlijker. De elite, die later bleek geen enkele wettelijke bevoegdheid te hebben, liet de prediker in het holst van de nacht oppakken door een knokploeg maar, nu komt het, niemand bleek te weten hoe het volksidool eruit zag, en ze moesten van de diensten van de penningmeester van de predikerclub gebruik maken om de man te identificeren, waarna het verhaal nog veel erger ging rammelen. Deze slecht geconstrueerde thriller is vele eeuwen lang voor zoete koek geslikt, waarschijnlijk omdat er zoveel brave dingen in voorkomen. De volstrekt overbodige romanfiguur Judas is gepromoveerd tot hoofdschurk van het verhaal en helaas ook tot prototype van de Jood.

In de eeuwen na de dood van deze prediker hebben er veel versies van dit verhaal de ronde gedaan waarvan er vier het tot officiële versie hebben geschopt, maar in een van de andere, een document ter lengte van ongeveer drie pagina’s Skepter, wordt het voorgesteld alsof Jezus en Judas een soort complot hadden om het zo te laten gebeuren. Dat is iets spannender dan in het standaardverhaal, maar de hele Judasfiguur is nog steeds overbodig. Van dit zogeheten Judasevangelie dat al in het jaar 180 de wind van voren kreeg, werd al in de jaren 1970 een Koptische kopie uit de derde eeuw ontdekt. In de eerste week van april werd deze gnostische tekst openbaar.(jwn)

Naar overzicht Parariteiten

3. Doorgehaald

De tuchtrechter heeft gesproken in de casus Millecam. De drie aangeklaagde artsen hebben alle drie straf gekregen. De arts (geen huisarts) C.J.M. (René) Broekhuyse (61) uit Haarzuilens mag zijn vak nooit meer uitoefenen. Hij wordt doorgehaald in het BIG-register. De reden voor deze straf is dat hij al eerder een schorsing had gekregen. Zijn collega’s de Hilversumse internist H.F. (Erik) Dankmeijer (65) en de arts (eveneens geen huisarts) Jos A.M. Koonen uit Millingen aan de Rijn kregen een half, respectievelijk een heel jaar schorsing. Hun allen wordt verweten dat zij niet duidelijk gezegd hebben dat Millecam borstkanker had en alleen met een reguliere behandeling een kans op genezing had. De straf voor Koonen was extra zwaar omdat hij tekort geschoten was bij het geven van palliatieve hulp. De boodschap van het Tuchtcollege is luid en duidelijk: bij ernstige ziekten mag de arts daar niet over liegen en moet hij of zij de beste therapie aanbevelen, en zich verre houden van onbewezen therapieën. Als de patiënt die niet wenst, dan kan die wens alleen maar geëerbiedigd worden door relatie te verbreken. Dit geldt ook voor alternatief werkende artsen. Zulke alternatieve artsen moeten voor behandeling overleggen met de huisarts en anderen. (Zie ook het commentaar van de Vereniging tegen de Kwakzalverij.)

Het is niet duidelijk of de artsen in beroep gaan. Alle drie hebben ze een riante praktijk, en kunnen gewoon als ‘genezer’ op de oude voet doorgaan. Het is ook niet duidelijk of het Openbaar Ministerie een strafzaak tegen hen en eventuele anderen zoals Jomanda wil beginnen.

Van Jomanda is bekend dat zij zichzelf vrij van alle blaam acht, onder andere omdat ze zich achter artsen kon verschuilen die hetzelfde zeiden als zij (‘het is geen kanker, maar een bacterie’), en nu ook nog omdat Sylvia haar van gene zijde zegt te steunen. Wie er anders over denkt dan zij lijdt aan geestelijke armoede. De journalist Alje Kamphuis onthulde op 28 januari 2006 in de biografie Sylvia Millecam op gevoel dat de actrice op het laatst Jomanda helemaal zat was, omdat die ‘zich steeds op de voorgrond wilde plaatsen en overal medezeggenschap in wilde’. Jomanda werd per e-mail op de hoogte was gehouden van hoe slecht het met Millecam ging en had toen gedaan had alsof ze alles ‘van boven’ doorkreeg. Toen Millecam dat uitvond ‘knakte er iets in haar’. Zou Jomanda weten dat ze ‘boven’ allang is doorgehaald?(jwn)

Naar overzicht Parariteiten

4. Fabels over vaccinatie

De Waalrese basisarts M.Th. ‘Tinus’ Smits (1946, praktiserend in Eindhoven) is een homeopaat en toonaangevend activist tegen vaccinatie. Het Eindhovens Dagblad wijdde op 18 februari 2004 een groot en kritiekloos artikel aan ’s mans verwerpelijke opvattingen, zoals daar zijn: later beginnen met inenten zodat het immuunsysteem ‘rijper’ is, en de kinkhoestvaccinatie weg laten omdat kinkhoest hoe dan ook goed homeopathisch is te behandelen. Smits beweert dat kinderen allerlei ziekten kunnen krijgen van inentingen, onder meer autisme, epilepsie, jeugdreuma en allerlei luchtwegklachten (astma, bronchitis en middenoorontsteking) en obstipatie, die allemaal vaak ook genazen na toediening van een door Tinus zelf bedachte homeopathische variant van het vaccin. Smits gelooft ook in het bestaan van de enge ziekte Post Vaccinaal Syndroom, waar hij zelfs een dik boek over geschreven heeft dat ook in het Engels verkrijgbaar is.

Het ligt voor de hand waar al deze onzin op gebaseerd is. Kleine kinderen worden wel eens ziek en aangezien het normale inentingsprogramma voorziet in vier inentingen in twee jaar, gebeurt het dus ook vaak dat de aandoening kort na zo’n prik komt. Bezorgde ouders leggen dan begrijpelijkerwijs een verband. Om er zeker van te zijn dat zo’n verband er is moet je nauwkeurig onderzoek doen met grote aantallen. Zulke onderzoeken zijn natuurlijk gedaan, want voor medische behandeling van niet-zieken gelden strenge veiligheidseisen.

De rol van de arts is dan dat hij of zij dat aan de ouders moet uitleggen, niet dat hij zulke angsten moet aanwakkeren. Als een arts de diagnose ‘autisme’ stelt, en de lijder dan vervolgens ‘geneest’ met homeopathische druppeltjes, is sprake van verwijtbare domheid of oplichterij. In dit geval moet wel van domheid sprake zijn, omdat Smits, die naar eigen zeggen zijn carrière als lekenhomeopaat begon (met een opleiding in België), in zijn medische studie slechts heeft geleerd dat geneeskunde symptomen onderdrukt. (Men kan zich afvragen hoe het mogelijk is dat een universiteit zo iemand een artsdiploma geeft.)

De Thuiszorg Eindhoven en de Thuiszorg Kempenstreek (samen Zuidzorg Eindhoven) werd het te gortig en deze organisatie diende korte tijd later een klacht in bij de Inspectie voor de Gezondheidszorg. Kinkhoest is immers een levensbedreigende ziekte. De flauwekul van Smits over ziekten die het gevolg van inenten zouden zijn, is in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde afgekraakt. Smits’ idee dat een arts elke lariekoek die hem invalt voor waar mag verkopen, werd door stafarts mevrouw M. Brackel bestreden: ‘Een arts is verplicht zijn beweringen te bewijzen.’

De Inspectie ging aan het werk en bracht Smits voor het Regionaal Tuchtcollege, alwaar de zaak op 22 februari 2006 diende. De tuchtrechters vroegen waarom Smits niets publiceert in de vakliteratuur, waarop hij antwoordde dat zijn artikelen zonder argumentatie worden geweigerd.

In dit verband is het opmerkelijk dat in de regio Eindhoven onbekende krachten aan het werk zijn die tot veel meer diagnosen van autisme leiden dan elders. Het is aannemelijk dat veel van die ‘autisten’ niks ergs mankeren, dat is misschien een verklaring voor die wonderbaarlijke genezingen.

Op 19 april was de uitspraak. Smits kreeg een Waarschuwing. Zijn uitspraken leveren een gevaar op voor de volksgezondheid, ook al omdat hij voorspiegelt dat kinderziekten makkelijk te genezen zijn. Zie ook de website van de Vereniging tegen de Kwakzalverij (jwn)

Naar overzicht Parariteiten

Skepter 19.2 (2006)

Tekening van Jaap van den Born
Het is écht wetenschappelijk getest! In Wageningen.

1. Homeopathische kabouters

Op zaterdag 25 februari bevestigde de Volkskrant weer eens dat in Wageningen aan de Landbouwuniversiteit het occultisme welig tiert. Ze hebben daar Iteke Weeda, die met pensioen gaat en wordt opgevolgd door bomenvoelster Anouck Brack voor wie de bolvorm van de aarde maar de een of andere afspraak is (25 maart). Ook aardstralenoccultiste Maja Kooistra (zie Skepter, december 1998) is in Wageningen te vinden in het World Soil Information Centre ISRIC. Bioveem is een onderzoeksproject dat met 17 biologische boeren wordt uitgevoerd onder de koepel van de Animal Sciences Group. Jan Jorink is voor Bioveem met pendels en engelen in de weer. Homeopathie tegen kalverdiarree wordt ook onderzocht. Het artikel ‘Voor kabouters, bel Wageningen’ lokte een reactie uit van een bestuurslid van Wageningen Universiteit en Researchcentrum (WUR), dr. A. A. Dijkhuizen. Hij schreef dat de methode van onderzoek in de WUR wetenschappelijk verantwoord is.

Toevallig kreeg ik het officiële eindrapport over de kalverdiarree onder ogen. Kalverdiarree kan ernstig zijn, en ook op de Bioveembedrijven is het toch wel een probleem. Een dubbelblinde proef met verloting moest nagaan of een homeopathisch middel (Calcarea phosphorica 200K) preventief werkte. Preventie is onzin van homeopathisch standpunt, maar goed. In totaal werden er 32 kalveren behandeld met hetzij een homeopathisch middel (19), hetzij een placebo (13). Het spul werd met een verstuivertje op de snoet van de pasgeboren dieren gespoten.

Tot zover lijkt het allemaal in orde. Maar uit het rapport blijkt dat er niet serieus verloot werd. De boer had kennelijk maar twee spuitbusjes, gemerkt A en B, gekregen en gaf eerst 5 kalveren iets uit busje A, de volgende 5 iets uit busje B enzovoorts om en om. Op dit punt aangeland hoeft men eigenlijk al niet meer verder te lezen. Een onderzoeker die al zo iets simpels als correct verloten en blinderen fout doet, is een domoor. De boer hoort flesjes 1, 2, 3 enzovoorts te gebruiken, elk met een door het lot bepaalde inhoud, en elk eenmalig te gebruiken.

Het ergste kwam nog. Bij ‘analyse’ van de resultaten bleek dat alle placebokalveren ziek waren geworden en geen der overige! De onderzoekers hadden niet in de gaten dat de kans (onder de nulhypothese dat homeopathie onzin is) dat de 13 zieke kalfjes toevallig ook alle 13 het placebo hadden gekregen 1 op de 347 miljoen (32 kies 13) was, en schreven braaf op dat P kleiner was dan 0,001.

Hier is iets misgegaan. Een onverlaat heeft in het ‘placeboflesje’ een geconcentreerde cultuur met E. coli gestopt. Of de homeopathiegelovige boer kon de twee flesjes makkelijk uit elkaar houden, en rapporteerde bevooroordeeld. Of er is op drastische manier naar het antwoord toe gerekend. Joost mag weten wat. Hoe dan ook, een dergelijk homeopathisch gehalte aan competentie ziet men maar zelden. (jwn)

Naar overzicht Parariteiten

2. De veteraanlegende

NRC Handelsblad staat op de achterpagina dagelijks een heel kort stukje (een ‘ikje’) met een opmerkelijke belevenis van een lezer. Op 8 mei was dat van ene Michael van der Valk die meegemaakt had dat een stokoude met medailles behangen Canadese veteraan in de trein een forse boete moest betalen omdat hij in de trein het verkeerde kaartje had, Haarlem in plaats van Arnhem.

Heel veel lezers vonden het een schande, ook al omdat niemand had ingegrepen, in het bijzonder Michael van der Valk zelf niet. Dat vond ook een medereizigster, Vera van der Does, die het had meegemaakt, maar die naar eigen zeggen niet had gesnapt dat dit een van onze bevrijders was. De NS liet weten dat hier iets fout gegaan was, en dat de Canadees natuurlijk zijn geld terug zou krijgen zo gauw als ze hem gevonden hadden. Zelfs in het buitenland sprak men er schande van.

Zeven weken later kwam de aap uit de mouw. De Spoorwegen hadden veel moeite gedaan om de Canadees te traceren, maar hadden geconcludeerd dat het verhaal niet waar was. Michael van der Valk en Vera van der Does bleken fantasten. Van der V. had iets dergelijks meegemaakt toen de regel was dat je gewoon moest bijbetalen plus soms een toeslag. Hij had het stukje ingestuurd omdat hij zich zo ergerde aan de hoge boetes van de NS. Ook Van der D. zag haar bijdrage als een literaire manier om haar zegje te doen. Zo komen de verhalen in de wereld. (jwn)

Naar overzicht Parariteiten

3. Wonderen van de warenwet

Het kruidenmengsel Tancosan wordt geproduceerd en verkocht door de firma Bioniek in Assen via www.tancosan.com. Via apotheek of drogist is het niet te krijgen. Het is een ratjetoe van knoflook, echinacea, Siberische ginseng, kamille, pau d’arco, boldo, tarwegras en het driekleurig viooltje. Pau d’arco en boldo zijn giftig en zijn alleen in kleine hoeveelheden en voor kortstondig gebruik geschikt. De American Cancer Society raadt het gebruik van pau d’arco geheel af omdat het problemen geeft met de spijsvertering. Boldo kan stuiptrekkingen veroorzaken. En dan kunnen zowel knoflook, als echinacea en kamille allergische reacties veroorzaken, verhoogt Siberisch ginseng de bloeddruk en kan tarwegras ernstige verstoringen van de spijsvertering veroorzaken. Lekker spul hoor!

Maar zo bont als Bioniek durven de meeste kwakzalvers het toch niet te maken. Op de kersverse website geven ‘gebruikers’ hoog op van het effect van Tancosan bij kanker, hiv, acne, koortslip, eczeem, menstruatiepijn en fibromyalgie. Ze doen dit in een forum waar het laatste bericht gedateerd is ‘8 2006, 09:30:09’. Bij de Engelse en Duitse versie heten deze wonderverhalen referenties. Verder meldde de website dat Tancosan bacteriën en virussen geen kans gaf, dat het ondersteunend was bij ieder ziektebeeld en dat het de weerstand zes maal vergrootte. En dat allemaal zonder bijverschijnselen. Het was het resultaat van 20 jaar onderzoek bij universiteiten en erkende laboratoria. Het ontbrak er nog maar aan dat de verkoper zichzelf de Nobelprijs voor Geneeskunde toekende.

Ik klaagde over deze grove leugens bij de Reclame Code Commissie (RCC) en de Voedsel en Warenautoriteit (VWA). Een bezoek door de VWA resulteerde in een paar kosmetische veranderingen op de website. De uitdrukking ‘bacteriën en virussen’ werd vervangen door ‘vervelende indringers’, ‘ziektebeeld’ werd ‘ongemak’, ‘weerstand’ werd veranderd in ‘afweermechanisme’ en ‘bijverschijnselen’ werden ‘nadelige werkingen’. Daardoor is de advertentie in overeenstemming met de Warenwet, althans: volgens een brief van Bioniek van 9 juni 2006 aan de RCC had half mei ‘de warenwet heer’ de nieuwe tekst niet afgekeurd. De wonderen zijn de wereld nog niet uit.

Overigens waren de veranderingen bij het ter perse gaan van deze Skepter niet geheel doorgevoerd. Medische claims (uniek natuurgeneesmiddel tegen bacterie en virus, ondersteunend vanaf de eerste druppel) kwamen nog steeds voor op de illustraties en de Duitse en Engelse versies waren zelfs onveranderd. De consumentenbescherming van de VWA had ik me anders voorgesteld. (mp)

Naar overzicht Parariteiten

4. Alternatieve kommer en kwel

Afgelopen paar maanden werden heel wat ballonnen doorgeprikt. Omstreeks 9 februari werd duidelijk dat zaagpalmextract waardeloos is als middel tegen (milde) prostaatklachten. Ook omstreeks die tijd: door minder vet te eten gaat je kans op borst- en darmkanker en hartkwalen niet omlaag. Een week later: extra calcium en vitamine D helpen niet of nauwelijks tegen botbreuken, maar verhogen wel de kans op nierstenen. Weer een week verder: de populaire maar dure supplementen glucosamine en chondritoïne gedurende een half jaar innemen heeft geen effect op milde artrose oftewel gewrichtsslijtage, althans vergeleken met een placebo niet (circa 1000 vrouwen en 500 mannen). Misschien helpt het iets bij ernstige klachten. Kort daarna (2 maart) bleek een wonderpil waar de maandelijkse bijlage M van NRC Handelsblad veel aandacht aan had besteed, niet zo bijzonder te zijn. De pil zou overgewicht, hartklachten én alcohol- en tabaksverslaving beperken.

Extra foliumzuur en vitamine B, zo lazen we kort voor Pasen (13 april) in de krant, tegen een herhaling van een hartinfarct, werkt net tegenovergesteld én het verhoogt de kans op kanker. En bidden, onderzocht met een forse donatie van de Templeton Foundation, werkt ook net andersom als de onderzoekers gehoopt hadden: voor wie niet zeker wist of er gebeden werd, was er geen verschil, maar wie het wel wist kreeg toevallig wat meer complicaties dan de nietweters. En amalgaam in de tanden heeft geen effect op schoolresultaten en na onderzoek van de gezondheidsdossiers van 600.000 (!) patiënten bleek aspartaam geen kanker te veroorzaken. En het bekende middel Champral tegen alcoholisme werkt niet. (jwn)

Naar overzicht Parariteiten

Skepter 19.3 (2006)

Tekening van Jaap van den Born
Ach mevrouwtje; het is natuurlijk wat sneu, maar het kan altijd nog in Utrecht studeren.

1. Utrecht voor occultisme

In 1992 studeerde een cultureel antropologe aan de Universiteit van Utrecht. Haar scriptie, Licht in het hoofd. Ideeën over bewustzijn en materie, viel in handen van een scepticus die het werkstuk met stijgende verbazing las. Het belooft wat als de auteur gerenommeerde auteurs als N.G. van Kampen, G. ’t Hooft, C.A. van Peursen, Daniel Dennett en Stephen Hawking citeert, maar 39 aanhalingen uit Wolfsklem van een van haar afstudeerdocenten, prof. dr. P.A. Vroon (de man die korte tijd later protesteerde tegen een eredoctoraat voor Albert Heijn) oogt al wat sycofantisch. Maar dan wordt ook de kosmologie van Linda Goodman’s Sterrentekens geïncorporeerd in een ‘opvatting over het heelal gebeuren’, omdat ‘ik logischerwijs ook van kloppende verhalen houdt’ [sic]. Er waren vroeger twee zonnen, ten oosten en westen van de aarde. Die zorgden door kernfusie voor positieve energie, terwijl ten noorden en zuiden van de aarde twee zwarte gaten waren die door kernsplijting (negatieve energie) voor evenwicht zorgden. Een van die zonnen explodeerde door toedoen van de mens. Daar slaat het verhaal van Adam en Eva (die trouwens niet van de apen afstamden) en de appel op. De maan is daarvan het overblijfsel, wat verklaart waarom de maan het enige hemellichaam is dat niet om de zon draait. De sterren zijn ook vonken van die explosie. Er is nog steeds een soort evenwicht want de zwaartekracht van de aarde is positief, terwijl die van een gasmassa als de zon negatief is. De auteur acht circulaire causaliteit werkbaarder dan de gewone lineaire. Zo komt zij tot een reeks formules: 1 = 1 × 1 (van Einstein), dus energie is materie en licht intermediair daartussen en golven zijn deeltjes dus 1 = 1, waaruit weer de formule van Einstein volgt. Het meest verbazingwekkend is 1 + 1 = 1, wat zoveel wil zeggen als dat negatief een meerwaarde aan energie geeft en positief een meerwaarde aan materie. De zienswijze van Einstein klopt niet, want licht plant zich wel degelijk voort door de ether, een zware vloeistof die het bewustzijn verlaagt en als oplosmiddel voor organische stoffen (dus leven) fungeert. Lange radiogolven, met andere woorden geluid, planten zich daarentegen door de lucht voort. Deze visie culmineert in de opvatting dat het bewustzijn positieve zwaartekracht opwekt, en de scriptie besluit met de observatie dat de ochtendnevel uit ether bestaat, die extra zwaar is doordat alle mensen nog slapen. Door de extra zwaartekracht vliegen de vogels dan ook minder hoog. Deze baarlijke onzin gaat 25 pagina’s lang door en ik bespaar u het geleuter over melatonine, de bicameral mind, oersoep, DNA, resonantietherapie, de kleurfrequenties van de planeten, en de Eerste Communie van de schrijfster.

De auteur werkt nu voor zover ik weet bij een documentatiecentrum, dus aan verspreiding van zelfbedachte wartaal komt ze niet meer toe. Die faculteit zou gezorgd hebben dat zoiets nooit meer kon gebeuren. Maar het gebeurde toch in een buurfaculteit in Utrecht. In 1996 studeerde Bas van der Eijk af op een lijvige scriptie Experimentele Geografie: schets van een ideaal-typische regio, waarin hij astrologische modellen toepaste op de sociale geografie van de Hoekse Waard. De scriptie begint met zeker 40 pagina’s astrologie, en naar verluidt heeft de auteur lang moeten soebatten voor zijn afstudeerdocent goed vond dat hij met zoiets een vrij doctoraal deed. In de sociale geografie werken modellen meestal niet goed, en een hoog gekwalificeerde docent heeft toen kennelijk gedacht: ‘Weet je wat, laten we het eens proberen met minder wetenschap in plaats van meer.’

Tien jaar later blijkt deze astroloog te zijn opgezocht door de redactie van Illuster, een pr-blad voor afgestudeerden van de Universiteit Utrecht, voor de rubriek over mensen die iets heel anders zijn gaan doen. Bas is nu fulltime astroloog bij een bedrijfsadviesbureautje. Behalve dat ik het blad zelf kreeg, ontving ik het volkomen kritiekloze stuk in Illuster van juni 2006 vaker dan welk krantenknipsel ooit. De ontstemming van oud-Skepsisvoorzitter Kees de Jager haalde zelfs NRC Handelsblad op 1 juli 2006. Wat is het meest ontstellend: dat onzin met diploma’s wordt beloond of dat de redactie van Illuster denkt dat ze hiermee reclame maakt voor de universiteit? De verrotting is trouwens niet beperkt tot de Universiteit Utrecht: het maandblad Punt voor de medewerkers van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen liet in augustus Faye Cossar (zie Skepter, zomer 2005) uitgebreid aan het woord over de horoscoop van OCW.

Het gebrek aan controle wordt des te schrijnender omdat ongeveer tegelijkertijd scheidend hoogleraar Pieter van der Horst min of meer werd verboden te zeggen dat onder moslims in het Midden-Oosten virulent antisemitisme bon ton is. Krachtig ingrijpen kan men in Utrecht dus best, maar men pakt de verkeerden. (jwn)

Naar overzicht Parariteiten

2. Slangenangst

De komkommergekte sloeg deze zomer toe in Eelde. Daar zouden eind juli driehonderd wurgslangen, te weten Russische rattenslangen het dorp onveilig maken. Die stammen af van enkele exemplaren die bioloog Popko van der Molen in zijn natuurtuin losliet. Hij kreeg ze indertijd van verzamelaars. Reptielenzoo Serpo moest de zaak onderzoeken. Weliswaar eet de rattenslang slechts muizen en ratten, en is dus nog minder eng dan een paling (die aas vreet) maar de omwonenden zagen dat anders. Buurvrouw Marian Dussel heeft wat tegen buitenlandse reptielen. ‘Er is al zoveel onheil in de wereld.’ Andere buurtbewoners trokken bleek weg als men ze maar vroeg waar al die slangen zaten. Men vreest een uit de hand lopende faunavervalsing. Zo’n Elaphe schrencki uit Noordoost-China, dat is nog eens wat anders dan allerlei loslopende kippen, fazanten, halsbandparkieten (die spechten het leven zuur maken), om maar te zwijgen van de Homo sapiens die er ook bij bosjes rondlopen in Eelde. AID-opsporingsambtenaar Jan Smit kon niet zoveel slangen vinden, maar hij vond het vervelend dat die rattenslangen muizen aten, want dan hebben de buizerds en de egels geen eten meer. Walter Getreuer van Serpo vond ook nauwelijks slangen en geen sporen van voortplanting (lege eieren) dus waarschijnlijk zijn er geen andere dan de oorspronkelijk losgelaten slangen. (jwn)

Naar overzicht Parariteiten

3. Jomanda en het OM

Het Openbaar Ministerie wil Jomanda niet vervolgen voor haar rol bij de dood van Millecam, laat staan de andere vijf lekenkwakzalvers. Menso van Westerouen van Meeteren, die de aangifte deed tegen Jomanda en consorten, vindt het jammer (NRC Handelsblad 4 oktober). Jomanda heeft bij herhaling Millecam van advies gediend, en ze moet geweten hebben dat Millecam haar oordeel blindelings vertrouwde. Elf personen hebben verklaard dat Millecam dat deed, en Jomanda verklaarde zelfs na haar dood: ‘Ik blijf het woord kanker bestrijden, absoluut.’ Dat schept verplichtingen. Jomanda’s uitvlucht dat ze alleen maar herhaalde wat een arts-kwakzalver met een elektroacupuntuurapparaat had gezegd (niet tegen haar) telt niet. De wet Beroepsuitoefening Individuele Gezondheidszorg (BIG) geeft de kwakzalvers vrij spel. Door kwakzalvers te vervolgen moet blijken hoeveel. Nu het om het zelfs in dit geval niet aandurft, is duidelijk dat de wet Big faalt, en wel precies zo als indertijd voorspeld. De wet BIG en ook de Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WGBO) gaan uit van een mondige en goed geïnformeerde patiënt. Helaas weet de patiënt vaak heel veel niet, daarom zoekt die immers iemand die het wel weet. Nu mag zo’n deskundige (als het geen arts is) kennelijk letale onzin verkopen zonder bang te zijn voor de gevolgen. (jwn)

Naar overzicht Parariteiten

4. Spirituele toptien

Trouw zocht voor u uit wat de spirituele trends zijn. In hun Top Tien staat lijfwerk (dansen in de natuur, yoga) bovenaan. Daarna komt meditatie (vooral oosterse) en bewustzijnsontwikkeling (weer een andere vorm van ogen dicht doen en nadenken, maar vooral niet logisch). Toekomstvoorspellen, bijvoorbeeld in de vorm van tarotkaarten of astrologie voor het bedrijfsleven, staat op vier. Een nieuwe trend is dat je je horoscoop uitbeeldt, je als Venus verkleedt bijvoorbeeld. Op vijf vinden we de goeroes – voor al uw uitkleedpartijen, financieel of anderszins. Mensen zijn gek op geheimen, of het nou complotten zijn of de eeuwenoude rituelen van de Inca’s. Die staan op zes. Bij zeven vinden we de ‘klassieke’ stromingen zoals theo- en antroposofie, rozenkruizers en vrijmetselaars. Dromen, reïncarnatie, hypnose en ander spul waarbij je niet helemaal wakker bent is acht, het geheel der alternatieve genezerij is negen, en een worden met de natuur, met een ritueel natuurlijk, een dansje en eventueel wat sterrenmixthee sluit de rij, waarbij we weer bij numero een zijn aangekomen.(jwn)

Naar overzicht Parariteiten

Skepter 19.4 (2006)

Tekening van Jaap van den Born
Het is niet wat u denkt.

1. Recidiverend occultisme

Een van onze vele astrologenclubjes (ASAS, circa 50 leden, secretaris Faye Cossar) zocht een leuke plek om hun tweede lustrum te vieren. De keus viel op de eeuwenoude sterrenwacht Sonnenborgh in Utrecht. Museum Sterrenwacht Sonnenborgh (MSS) moet elk dubbeltje omdraaien en iedereen kan daar een zaaltje boeken. In de onlangs gerestaureerde kelder (‘Terraplein’) kan men sfeervol recipiëren en dineren. Men kan trouwens ook de prachtige bibliotheek afhuren, en studenten moeten geregeld hun heil dan maar elders zoeken.

Het was natuurlijk reuze aardig van die astrologen om de wetenschap te subsidiëren, maar voor wat hoort wat. Astrologie is net zulke onzin als koffiedikkijken, maar de astrologen doen zich wetenschappelijk voor met hun diagrammen en berekeningen. De tijden dat ze zich uitsloofden om waarnemingen te doen zijn echter al zo’n vier eeuwen voorbij.

Ik zal nooit vergeten hoe ik in 1996 op een zomeravond in New Orleans op een plein in het French Quarter een praatje aanknoopte met een astrologe die daar haar nering dreef. Ik wees op een buitengewoon heldere ‘ster’ en vroeg haar welke ster dat was. Dat wist ze niet. Astrologie ging over de spirituele innerlijke werkelijkheid en concrete sterren vielen buiten haar gezichtsbereik. Toen ben ik maar aan de overkant van het plein bij een telescoop gaan kijken waar je voor een gering bedrag Jupiter in oppositie kon bezichtigen.

Sterrenwichelarij is een vorm van occultisme die op wetenschappelijke status gebrand is, dat zagen we al bij de dissertatie van Teissier (Skepter, juni 2001). Clubjes als ASAS willen wetenschappelijke respectabiliteit. Dat is wat ze van MSS kregen: wetenschappelijke uitstraling. Het oude bastion werd voor 2 en 3 februari 2007 besproken. ASAS is niet de enige. Op 13 december 2006 had het Utrechtse netwerk van vrouwelijke ondernemers Entre Femmes hun eindejaarsbijeenkomst op dezelfde locatie. Zij kregen eerst de obligate rondleiding. Dat ‘gaf goede aanknopingspunten voor astrologe Karen Hamaker-Zondag, gezien de verschillende benadering van de hemel vanuit de wetenschap en de astrologie.’ Zo diende de wetenschap als welkomstmat of voetveeg voor occultisme.

De directie van MSS wordt gevoerd door de directeur van het Universiteitsmuseum, de econoom Peter de Haan. Die constructie heeft te maken met het feit dat de Universiteit Utrecht mss fors subsidieert. Het Universiteitsmuseum is eveneens een zalenverhuurbedrijf waar iedereen welkom is die bij de Kamer van Koophandel bekend is, en bereid is zich aan de wet te houden. Dat heeft men afgekeken van het Academiegebouw. Maar Skepsisbestuurslid André Klukhuhn ergert er zich al jaren aan hoe het dáár toegaat. Daar is de vaste cateraar van de universiteit helemaal de baas over de zalen en die geeft niet om wetenschap.

Toen Kees de Jager, eens voorzitter van Skepsis en bewoner van Sonnenborgh, van de ASAS-reservering hoorde was hij geschokt. De astronomen van de sterrenwacht en het stichtingsbestuur bleken van niets te weten en wilden deze administratieve vergissing natuurlijk terugdraaien. De directeur (geen lid van het stichtingsbestuur), die zich liet adviseren door zijn hoogste chef, de rector magnificus, zei dat dat niet kon: juridisch niet, maar ook niet vanwege het reeds gevoerde beleid, en omdat het niet aangaat een mening die je toevallig niet deelt te belemmeren. Leve de vrije meningsuiting! De beste oplossing was het maar stil te houden.

Men zou wellicht denken dat deze laffe leuterkoek een voortzetting is van het beleid van de Universiteit Utrecht om astrologie te bevorderen (zie Parariteiten, herfst 2006). De Universiteit ziet dat niet zo. ‘Het eventueel rechtzetten van die fout valt onder de verantwoordelijkheid van het Bestuur van MSS … De Universiteit heeft hiermee niets van doen.’ De Universiteit als organisatie denkt in termen van rechtspersonen. Inmiddels heeft De Jager de banden verbroken met het bestuur van de Vrienden van waarzeggerstent Sonnenborgh, waar hij tot dusver lid van was. Hij blijft nog wel lezingen geven voor de Stichting de Koepel, een van de bonafide huurders van MSS. (jwn)

Naar overzicht Parariteiten

2. Piet Smolders’ werkelijkheid

Treurig is ook een publicatie van ruimtevaartenthousiast en voormalig directeur van het Artis Planetarium Piet Smolders, ET: Geen mythe maar werkelijkheid. Het boek begint een weinig controversiële opvatting uit te leggen: het universum is groot, het aantal sterren met planeten waarschijnlijk eveneens, en vreselijk bijzonder lijkt het leven niet te zijn. Of er ergens anders leven is, en misschien wel intelligent leven, weten we niet, maar heel erg opzienbarend zou het niet zijn als er in ons Melkwegstelsel of anders wel in een van de pakweg honderd miljard andere galaxieën intelligent leven zou zijn. Aan de andere kant lijkt gezien de afstanden in het universum contact uitgesloten. Of die hypothetische buitenaardsen de stupiditeit van bemande ruimtevaart zullen koppelen aan slimmigheden om de onverbiddelijke wetten van Newton en Einstein te omzeilen of dat zij onderzoeksprojecten met een looptijd van miljoenen jaren opzetten is natuurlijk veel dubieuzer dan hun bestaan sec.

Smolders is hier veel optimistischer over. Hij meent dat de techniek voor niets staat, en voelt zich gesterkt door een stel anekdotes van geleerden uit het verleden die pessimistisch waren over de mogelijkheden van de techniek. Hij denkt zelfs dat we bezoek van de ET’s hebben gehad, maar dat die onvoorstelbare kostbare expedities slechts in vluchtige contacten zijn uitgemond. Hij haalt hij een aantal belegen UFO-waarnemingen en de boekjes van von Däniken aan alsmede de visioenen van Ezechiël. Ook piloten en ruimtevaarders (zie Skepter, maart 2003) worden als getuigen gedagvaard. Smolders heeft zijn huiswerk niet gedaan. Hij zegt bijvoorbeeld dat niemand een goede verklaring heeft voor de ‘ruimtevaarder’ op het graf van de tombe van Pacal in Palenque.

Er staat wel meer onzin in het boekje. Smolders vertelt tot tweemaal toe dat Giordano Bruno op de brandstapel (1600) kwam wegens zijn astronomische ideeën. Dat is onzin, de Inquisitie interesseerde dat geen lor. Evenmin is het waar dat Copernicus bang was voor de brandstapel, zoals Smolders beweert. Integendeel, Copernicus was een gewaardeerde hoge kerkelijke ambtenaar wiens enige aanvarinkje met de kerk kwam toen hij in 1538, op zijn 65ste, zijn ‘huishoudster’ op straat moest zetten. In 1533 stelde paus Clemens het zeer op prijs om over de copernicaanse theorie onderricht te worden, en in 1536 drong kardinaal Schönberg er bij Copernicus op aan dat hij er een boek over zou schrijven. Copernicus kreeg het eerste exemplaar in 1543, met een opdracht aan de paus, op zijn sterfbed in de handen gelegd, maar zonder zijn energieke leerling Rheticus was het er nooit van gekomen.

Toen ik Joe Nickell in Nederland ontving, vatte ik het plan op om hem in contact te brengen met Piet Smolders: ruimtevaartdeskundige én UFO-gelovige. De dag nadat ik de afspraak gemaakt had, zegde Smolders die weer af. Hij had voor het eerst van zijn leven de website van Skepsis bezocht, en geconcludeerd dat Joe of ik best zonder zijn hulp een oordeel over zijn boekje konden vormen. Hij vraagt zich in zijn voorwoord af: ‘Zet ik met … dit boek mijn reputatie op het spel?’ Het antwoord is: ‘Ja, Piet.’ (jwn)

Naar overzicht Parariteiten

3. Canon

Heel wat vrolijker nieuws komt van uitgeverij Liverse te Dordrecht, waar Jaap van den Born, de vaste illustrator van deze rubriek, De Canon van Nederland deed verschijnen. Zijn canon bestaat uit 91 gedichtjes met een vaak ironische toelichting. Voor vreemde snoeshanen als Karel de Grote, Karel V en Napoléon is geen plaats bij Van den Born, evenmin als voor Belangrijke Episodes zoals Buitenhuizen. Natuurlijk is er wel overlap met de alternatieve canon die midden oktober 2006 in de publiciteit kwam: hunnebedden, de Romeinen (verbonden met respectievelijk dominee Johan Picardt en Julius Civilis), Floris V, Erasmus, Willem de Zwijger, de voc (J.P. Coen), Hugo de Groot, De Ruyter, Rembrandt, Spinoza, Eisinga, de patriotten (Capellen tot den Pol), Multatuli, Van Gogh, Mondriaan en de Indonesische opstand (Westerling). Tien interessante volwassen vrouwen sieren deze canon (de alternatieve heeft er maar twee), terwijl de skepticus zijn of haar hart kan ophalen aan de ruim tien figuren die doorgaans alleen in Skepter en dergelijke serieuze aandacht krijgen, zoals de fundamentalist Jan van Leiden, Jomanda en dokter Moerman. De belangrijkste, laatste en grootste Nederlander is echter een Turk in een jurk, die zelf weer onder Pieterbaas staat. Koop dit vermakelijke boekje (ISBN 90 76982 32 5)! Voor de prijs (14,50 euro) hoeft u het niet te laten. (jwn)

Naar overzicht Parariteiten