Een UFO in het bos

Het mysterie van Rendlesham Forest

door Pepijn van Erp

notw-rendleshamHet Engelse zondagsblad News of the World bracht het nieuws op 2 oktober 1983 groot op de voorpagina:

UFO LANDS IN SUFFOLK: And that’s OFFICIAL

In korte flarden staat boven die loeigrote kop:

Colonel’s top secret report tells the facts
Mystery craft in exploding wall of colours
Animals flee from strange glowing object

Het gaat om een UFO-landing in Rendlesham Forest, aan de Engelse oostkust ter hoogte van Den Haag. Veel militairen zouden daar in 1980 getuige van zijn geweest. Bij het bericht staat een foto van Wing Commander Colonel Gordon Williams, destijds commandant van twee dichtbij gelegen RAF basissen, Bentwaters en Woodbridge. Hij wordt geciteerd met de woorden ‘No Hoax’.

De belangrijkste bron voor het verhaal is Art Wallace. Hij was in 1980 als Amerikaanse militair gelegerd op Bentwaters en bij de luchtmacht in dienst als veiligheidsagent. Wallace vertelt hoe hij op een nacht vlak na kerst in een konvooi militairen naar het Rendlesham Forest reed. Daar aangekomen, gingen ze te voet verder tot aan een open plek in het bos, waar ze getuige waren van de landing van een UFO. Het voertuig landde geruisloos in een explosie van rood licht, als in een film. Er waren volgens Wallace zeker 200 andere RAF- en NATO-militairen bij aanwezig. Het object was piramidevormig en gaf een lichtblauw licht af. Andere waarnemers hadden volgens hem bij nadere inspectie inzittenden gezien: een stuk of drie, in zilveren pakken.

Wallace raakte omstreeks die tijd buiten westen en werd pas de volgende dag op de basis wakker. Daar werd zijn eenheid gecontroleerd op straling en vervolgens ondervraagd door personen die ze voor CIA-agenten hielden. De ondervragers maakten duidelijk dat het verhaal absoluut niet naar buiten mocht komen. Ze zouden sowieso niet geloofd worden, maar voor het geval ze het toch in hun hoofd haalden erover te spreken, liet een van de agenten de bedreigende woorden ‘bullets are cheap’ vallen. ‘Art Wallace’ is daarom een schuilnaam voor het artikel in de krant.

Dankzij News of the World bereikte het Rendlesham Forest UFO-incident in één klap het grote publiek. Het is nog steeds te vinden op lijstjes van beroemde UFO-waarnemingen, vooral omdat zoveel militairen er getuige van zouden zijn geweest. Auteurs van UFO-boeken betogen gewoonlijk dat piloten, militairen en andere professionals in uniform betere waarnemers zijn dan de gemiddelde persoon, zodat we hun getuigenissen serieuzer moeten nemen. De Amerikaanse journaliste Leslie Kean (2010) verdedigt dit standpunt met verve in haar boek UFOs – generals, pilots, and government officials go on the record. Rendlesham Forest neemt daarin een belangrijke plaats in. Ook Coen Vermeeren (2013) neemt het incident serieus in zijn boek UFO’s bestaan gewoon. Zij kunnen zich beroepen op een officiële bevestiging die onomstreden lijkt, het zogenoemde Halt-memorandum.

Halt-memorandum

Luitenant-kolonel Charles I. Halt was in 1980 deputy base commander van RAF Bentwaters. Hij schreef ruim twee weken na de gebeurtenissen een kort memo voor het Ministerie van Defensie. News of the World had dit memo verkregen nadat het was vrijgegeven met een beroep op de Freedom of Information Act. Het bevat spectaculaire informatie:

Op 27 december 1980 zagen beveiligers van de basis om 3 uur ’s nachts ongebruikelijke lichten. Drie mannen gingen erop uit om te onderzoeken of er misschien een vliegtuig was neergestort. Zij rapporteerden dat ze in het bos een lichtgevend, driehoekig object aantroffen. Het was twee à drie meter in doorsnee, had een rood licht bovenop en blauwe lichten aan de onderzijde. Het voertuig zweefde enige tijd door het bos voordat het tussen de bomen verdween.

De volgende dag werd de landingsplek geïnspecteerd. Men ontdekte drie indrukken die de poten van het landingsgestel zouden hebben achtergelaten. Er werden op deze plek met een stralingsdetector niveaus gemeten die boven de normale waarde lagen. Ook bij een beschadigde boom aan de rand van de open plek werd verhoogde straling gemeten.

Op 29 december werd het object opnieuw ’s nachts gezien. Een rood, zonachtig en pulserend licht bewoog achter de bomen. Het verdween nadat het uiteenbrak in vijf witte objecten. Daarna werden in de lucht drie bewegende, sterachtige objecten waargenomen, waarvan er één minstens twee uur zichtbaar bleef. Tijdens deze tweede nacht was Halt zelf een van de getuigen.

Later zou Halt de ontbrekende details invullen, onder andere in het boek van Kean. De drie mannen van de eerste nacht waren staff sergeant James Penniston, airman first class John Burroughs en airman first class Edward Cabansag. De tweede expeditie vond plaats nadat Halt weg was geroepen van een kerstdiner met de mededeling dat ‘het’ terug was. Hij ging met vier anderen op pad, van wie alleen sergeant Adrian Bustinza en John Burroughs voor het verdere verhaal van belang zijn.

Ze zagen een vreemd licht en gingen het achterna. Aan de rand van het bos gekomen, zagen ze het licht weerkaatsen op de ramen van een verderop gelegen boerderij. Daarna traden de effecten op die in het memorandum waren beschreven. Halt voegt eraan toe dat een van de overblijvende lichten dichterbij kwam en toen het boven hem was een dunne lichtstraal, als een laser, naar beneden wierp op slechts drie meter van hem vandaan. Hij had een taperecorder bij zich waarop hij zijn waarnemingen insprak. De tape dook in 1984 op en lijkt het verhaal grotendeels te bevestigen.

Pas toen alle oorspronkelijke getuigenissen in 1997 naar buiten kwamen, werd duidelijk dat Halt zich een dag had vergist. De UFO werd op 26 en 28 december waargenomen. De vergissing had belangrijke gevolgen voor de geloofwaardigheid van twee getuigen.

Left at East Gate

Een van de getuigen is Larry Warren. Samen met journalist Peter Robbins legde hij zijn levensverhaal vast in het boek Left at East Gate. Het verscheen in 1995 en in 2005 kwam er een bijgewekte versie uit.

Larry werd in 1961 in New York geboren en meteen afgestaan door zijn tienermoeder. Zijn adoptiefvader zat in het leger en moest regelmatig verhuizen. Larry ging naar katholieke scholen en raakte gefascineerd door religieuze mysteries. Begin jaren zeventig ging die fascinatie over op UFO’s. In 1972 schreef hij een bespreking van een boek over een UFO-waarneming. Een paar jaar later had hij zelf zo’n ervaring. Zijn ouders waren inmiddels gescheiden en hij woonde bij zijn vader. Tijdens een bezoek aan zijn moeder in augustus 1974 nam ze iets vreemds waar. Zelf zag hij het niet, maar hij was wel zo onder de indruk dat hij min of meer flauwviel. De volgende ochtend vertelde moeder wat ze had gezien, een UFO, twee ruitvormige objecten verbonden met een staaf. Larry trok kort daarop bij zijn moeder in.

Begin 1975 had hij, weer samen met zijn moeder, zijn eerste directe UFO-waarneming: een bal met fletse kleuren botste op hun auto terwijl ze op de snelweg reden. Toen ze de auto langs de kant zetten, zagen ze een hel verlicht object met raampjes de weg oversteken. Achter de raampjes leken zich silhouetten af te tekenen. Het leek alsof het maar vijf minuten duurde, maar achteraf bleek dat ze drie uur hadden gedaan over een rit die normaal slechts veertig minuten kostte. In 1978, net toen zijn fascinatie met het onderwerp wat was afgenomen, had Larry opnieuw een UFO-ervaring, waar hij enorm van schrok.

Nadat hij in 1980 de highschool afrondde, meldde hij zich aan voor een opleiding tot veiligheidsagent bij de luchtmacht. Dat bood hem de kans op een basis in Engeland te worden gestationeerd. In zijn voorlaatste schooljaar had hij meegedaan aan een uitwisselingsprogramma en was hij in Essex geweest. Daar had hij zijn eerste vriendin ontmoet. Larry wilde die relatie graag voortzetten. Zijn plan liep voorspoedig. Na een paar maanden opleiding werd hij als Airman gestationeerd op de RAF-basis Bentwaters.

Hij landde 1 december in Engeland en belde ’s avonds meteen met Joann. Zij liet hem echter weten dat er van een relatie geen sprake meer kon zijn nu hij in de U.S. Air Force zat. Larry had zich niet gerealiseerd dat het Amerikaanse leger bij de Europese jeugd niet zo’n goede naam had. Hij voltooide zijn opleiding niettemin op 15 december 1980. Zijn officiële taakomschrijving was Security Specialist. Hij werd ingeroosterd bij de beveiliging van diverse objecten op de basis.

Een dag voor kerst gaat Larry samen met een vriend op bezoek bij een paar Duitse meisjes in Frankfurt, die ze eerder hadden ontmoet. Het valt nogal tegen en op 27 december keert hij teleurgesteld terug naar Bentwaters. Op 28 december maakt hij overdag een uitstapje naar Ipswitch. Zijn dienst begint die avond om tien uur op een post bij de omheining. Rond middernacht komen er via de radio vreemde berichten binnen over ‘op en neer springende lichten’. Beveiligers hebben ze vanaf een observatietoren waargenomen in de richting van de zusterbasis Woodbridge. Niet veel later wordt Larry opgepikt door een truck. Ze moeten eerst grote mobiele schijnwerpers ophalen en rijden vervolgens in konvooi via het dorpje Eyke Rendlesham Forest in.

Bij een wegversperring krijgen ze de laatste orders: ‘Turn left at East Gate’. Via een onverharde weg gaat de tocht verder het bos in naar een plaats waar al meerdere trucks geparkeerd staan. Ze gaan te voet verder naar een open veld, waar al veel militairen rondlopen. Op het veld bevindt zich een vreemd lichtgevend voorwerp, dat als een soort mist op de grond hangt. Even later meldt de radio: ‘Here it comes. Here it comes. Here it comes.’ Een kleine rode stip in de richting van de Noordzee komt snel naderbij en landt ter grootte van een basketbal op de lichtgevende mist. Een explosie van licht volgt en daarna blijkt er een groot piramidevormig voertuig op het veld te staan. Adrian Bustinza en Larry Warren krijgen de opdracht het object te naderen. Ze komen tot een meter of vier.

Kolonel Gordon Williams arriveert per auto op het veld. Aan zijn kleding te zien is hij bij een officiële gelegenheid weggeplukt. Een blauw-gouden bal komt nu los van het merkwaardige voertuig en splitst zich een eind voor de machine in drie cilinders. Die cilinders lijken wezens te bevatten, ongeveer een meter lang met zwarte katachtige ogen en zilverkleurige kleding. Williams stapt naar voren en lijkt een conversatie met de aliens te voeren. Op dat moment wordt de groep van Larry weggeroepen. Hij gaat met de eerste truck terug naar de basis en kan niet meer zien wat er verder nog gebeurt.

De volgende dag worden Larry en anderen opgeroepen voor een debriefing. Ze moeten allemaal een voorgedrukte verklaring ondertekenen. Daarin staat dat ze slechts wat onverklaarde lichten zagen. Ze krijgen van veiligheidsofficieren te horen dat de Amerikaanse regering al lang op de hoogte is van de aanwezigheid van buitenaardse beschavingen, maar dat ze dat aan niemand mogen doorvertellen. Wie zich niet aan de zwijgplicht wenst te houden, moet zich realiseren dat ‘bullets are cheap’.

Larry belt meteen zijn moeder om te vertellen wat hij heeft gezien. Daarmee begint voor hem de ellende, want zijn telefoontje is onderschept. Hij krijgt een officiële reprimande en een boete van 300 dollar. Dat valt nog mee. Later die dag wordt Larry echter samen met Bustinza op de basis ontvoerd door agenten in burger. Hij beschrijft als in een droom hoe ze worden meegevoerd naar uitgestrekte ruimtes onder de basis. Daar ziet hij voertuigen die sterk lijken op wat hij in het bos waarnam. Hij ondergaat een soort telepathische sessie met een alien die zich achter een scherm bevindt. De alien vertelt dat de ondergrondse faciliteiten al uit de jaren veertig stammen. Er is een uitgebreid gangenstelsel met uitgangen bij Lowestoft en de Orford Key.

De aliens hebben contact met de regering van de VS en met die van de USSR, het Verenigd Koninkrijk en Japan. Na nog meer onthullingen over hun activiteiten op aarde, verliest Larry het bewustzijn. Hij komt weer bij kennis wanneer hij door een deur de basis oploopt. Het is de deur van het fotolab, waar niets vreemds aan te zien is. Teruggekomen op zijn kamer blijkt het oudejaarsavond te zijn. Larry is twee dagen kwijt.

Niet aanwezig

Het zal inmiddels duidelijk zijn dat Larry Warren de bron was van News of the World, onder het pseudoniem Art Wallace. Het verhaal in de krant gaat niet zo ver als dat van Left at East Gate, omdat Warren zijn relaas pas later verder uitbreidde. Op 6 januari 1981 schreef hij een brief aan zijn moeder, die nog vrij goed aansluit bij het Halt-memorandum. Er staat niets in over eigen ervaringen in het bos, de aliens en het ondergrondse avontuur.

Larry heeft de indruk dat hij op de basis in de gaten wordt gehouden en men zadelt hem op met administratieve taken. In mei verlaat hij de luchtmacht en keert terug naar de VS, waar hij enige tijd verstrikt raakt in alcohol en drugs. In de loop van 1982 probeert hij weer het leger in te gaan, maar dat mislukt. Recruiters vertellen hem dat de afwijzing waarschijnlijk met de incidenten op Bentwaters te maken heeft.

In september 1982 krijgt Larry een vriendin en lijkt hij zijn leven weer op te pakken. In december leest hij in een lokale krant over Betty Andreasson, een vrouw die beweert ontvoerd te zijn door aliens. Hij besluit contact op te nemen en gaat kort daarna langs bij Betty en haar man Bob. Daar kan Larry voor het eerst vrijuit praten over zijn ervaringen in het Rendlesham Forest. Via Betty en Bob komt hij in aanraking met UFO-onderzoeker Larry Fawcett, die zeer geïnteresseerd is in zijn verhaal. Larry vertelt Fawcett ook over de ondergrondse faciliteiten, maar als iets dat hij gehoord heeft van Bustinza. Fawcett wil proberen om met een beroep op de Freedom of Information Act documenten boven water te krijgen.

In maart 1983 verschijnt er in het tijdschrift Omni een stuk over de UFO in Rendlesham Forest, die op 30 december 1980 zou zijn neergestort. Engelse ufologen hebben er geruchten over opgevangen. Een van hen, Jenny Randles, meent dat het UFO-verhaal een cover-up is voor een neergestort vliegtuig met atoombommen.

In juni komt Fawcett met opmerkelijk nieuws: zijn FOIA-verzoek heeft succes gehad. Het Halt-memorandum komt boven water en wordt gezien als een bevestiging van Larry’s verhaal. Later die maand laat Larry zich uitnodigen op een UFO-conferentie, waar hij als Art Wallace optreedt. Fawcett deelt zijn memorandum met Engelse ufologen, die het voor tweeduizend pond aan News of the World verkopen.

Een paar dagen na het krantenartikel wordt Larry als Art Wallace geïnterviewd voor de BBC. Hij ontkent dan nog dat hij zelf aliens heeft gezien, maar onder vier ogen met Fawcett vertelt hij wel het hele verhaal. Dit geldt ook voor de ondergrondse tunnels. Aanvankelijk schrijft hij deze informatie toe aan Bustinza, maar later beweert Larry dat hij het zelf heeft meegemaakt. Hij blijft de belangrijkste bron van nieuwe informatie over de UFO van Bentwaters en wordt door diverse televisieprogramma’s uitgenodigd.

In september 1984 krijgt Larry een kopie van de geluidsband die luitenant-kolonel Halt tijdens zijn UFO-onderzoek insprak. Een journalist had de tape via via bemachtigd. Ook CNN maakt er gebruik van in een documentaire die in februari 1985 wordt uitgezonden. Dat programma pakt niet zo goed uit voor Larry. De landing zou niet hebben plaatsgevonden op de plek die hij aangaf en Halt verklaart dat Larry niet eens aanwezig was bij het incident. Larry moet zijn verhaal later ook aanpassen wanneer blijkt dat Halt zich in de datum heeft vergist. Samen met de journalist Peter Robbins probeert hij meer bewijsmateriaal te verzamelen voor zijn versie van gebeurtenissen, die steeds fantastischer en ongeloofwaardiger wordt.

Het lijkt aannemelijk dat Larry Warren slechts verhalen van anderen heeft gehoord nadat hij uit Frankfurt op de basis terugkeerde. Hij wilde later de indruk wekken dat hij het allemaal zelf had meegemaakt en verzon er steeds meer dingen bij. Hij had de ‘pech’ dat zijn datum niet bleek te kloppen en dat hij Halt (of Conrad) heeft verwisseld met Williams. Larry zit nu opgescheept met een ‘alternatief verhaal’ dat niet serieus genomen wordt door de echte getuigen en waarschijnlijk ook niet meer door de meeste UFO-enthousiastelingen.

ASCII-code

Sergeant Penniston kwam in 1994 naar buiten met het verhaal dat hij onder hypnose herinneringen aan de eerste UFO-landing in het bos had teruggevonden. Hij bleek veel meer te hebben gezien dan Halt in zijn memorandum aangaf. Samen met Burroughs had hij het toestel drie kwartier lang van dichtbij onderzocht. Hij kon het zelfs aanraken en had foto’s en aantekeningen gemaakt.

In 2003 liet hij in een documentaire van Sci Fi Channel zijn notitieboekje zien. Daarin stond echter een verkeerde datum: 27 december. Blijkbaar was hij er nog niet van op de hoogte dat Halt in zijn memorandum een vergissing had gemaakt. Zijn schetsen van het voertuig komen ook helemaal niet overeen met het verslag dat hij meteen na het incident opstelde.

Bij het aanraken van de UFO zou hij een code hebben ontvangen. Daarover vertelde hij pas wat meer in 2010, bij het 30-jarig jubileum van het UFO-verhaal. Op de dag na zijn belevenissen in het bos schreef hij een lange reeks enen en nullen in zijn notitieboekje. Pas jaren later wist hij deze code te kraken. Het bleek een simpele 8-bits ASCII-code te zijn, die verwees naar de coördinaten van een locatie in de buurt van Woodbridge of mogelijk naar het mythische eiland ‘Hy Brasil’ dat ten westen van IJsland zou liggen. De verwarring was te wijten aan het feit dat er geen code was gebruikt voor de decimaalpunt. Het was ook een raadsel waarom er een 8-bits ASCII-code werd gebruikt, want in 1980 bestond er alleen een 7-bits versie.

Het uiterst merkwaardige verhaal van Penniston werd in eerste instantie tegengesproken door Burroughs. Maar die is later van gedachten veranderd. Hij en Penniston trekken nu gezamenlijk op en beheren een actieve Facebook-groep getiteld ‘Justice for the Bentwaters 81st Security Police at Rendlesham Forest 1980’. Hun oorspronkelijke verklaringen zouden verzonnen zijn, omdat de echte waarheid te ‘groot’ was om te vertellen. Intussen zijn de heren al aan de derde ‘echte’ landingsplek in Rendlesham Forest toe.

Een vuurtoren

De enige getuige die nog enigszins een geloofwaardige indruk maakt, is Halt. Zijn memorandum en tape zijn documenten uit de tijd van het incident zelf. Halt is daar niet al te veel van afgeweken. Is er een goede verklaring voor de gebeurtenissen die hij beschrijft?

Ian Ridpath, astronoom en wetenschapsjournalist, heeft er veel tijd in gestoken en publiceerde zijn bevindingen op zijn website. Volgens hem was een zeer heldere meteoor op de vroege ochtend van 26 december de aanleiding voor het idee dat er mogelijk een vliegtuig was neergestort. Die meteoor moet vanaf Bentwaters duidelijk te zien zijn geweest in zuidelijke richting, waar Rendlesham Forest ligt.

De vreemde lichtschijnsels in het bos werden al snel na het krantenartikel door boswachter Vince Thurkettle toegeschreven aan de rondzwiepende lichtbundel van de Orford Ness vuurtoren, verderop aan de kust. Door de hogere ligging van het bos, zie je dat licht laag tussen de bomen doorschijnen. De CNN-documentaire maakte duidelijk dat het verschijnen en weer wegdraaien van het licht synchroon loopt met de opmerkingen die Halt daarover maakt op zijn tape. De richting waarin het licht werd waargenomen, komt ook goed overeen met de plaats waar de vuurtoren zich bevindt.

Halt meende dat de UFO enkele bomen had beschadigd, maar volgens Thurkettle waren dit markeringen die aangaven dat ze gekapt moesten worden. De kuiltjes in de grond waren ook niet zo uniek. Die schreef hij aan konijnen toe. De ‘sterachtige objecten’ die Halt later zag, waren volgens Ridpath inderdaad sterren. De andere lichteffecten konden mogelijk worden verklaard doordat Halt een nachtkijker gebruikte, die scherpe lichtbronnen vertekend weergeeft. Ook de afwijkende stralingswaarden prikt Ridpath door. Het gebruikte apparaat was helemaal niet geschikt om dergelijke lage waarden te meten en degene die het bediende, had er niet veel ervaring mee. De uitslagen blijken niet significant te verschillen van de achtergrondstraling.

In 1997 kwamen de oorspronkelijke verklaringen boven water die Halt had verkregen op basis van interviews met de getuigen van de eerste nacht. Daaruit blijkt dat sommige getuigen (Burroughs en Cabansagh) toen al hadden ingezien dat ze het het licht van de vuurtoren achterna zaten. Halt wil dat nog niet aannemen. Hij liet zelfs een beëdigde verklaring opstellen, waarin hij expliciet stelt dat hij het onbekende licht en de vuurtoren gelijktijdig zag. Deze verklaring is van juni 2010, kort voordat zijn aangeklede versie van het verhaal in het boek van Kean verscheen. Ridpath laat op zijn website overtuigend zien dat de aanpassingen van Halt niet overeen komen met de oudere documenten.

In 2010 trad ten slotte ook kolonel Ted Conrad, de directe baas van Halt in 1980, naar voren. Hij velde een vernietigend oordeel over de huidige verklaringen van Halt en Penniston. Op een paar punten wijkt zijn verhaal af van wat in de documenten staat, met name over de gebeurtenissen na de eerste nacht. Volgens Conrad viel de opmerking dat ‘het’ terug was gekomen op de avond van 26 december en leidde dat pas de volgende dag tot verder onderzoek. Eerst nam Halt op die 27ste december verklaringen op en hield hij zich bezig met de stralingsmetingen en gipsafdrukken van de kuiltjes. Na zonsondergang ging hij met een taperecorder terug naar het bos. Conrad kon via de radio meeluisteren met het verslag dat Halt deed over de bewegende lichten. Een flinke groep officieren op Woodbridge heeft staan kijken, maar zag niets bijzonders.

Conrad vertelt ook dat hij later op 28 december de vermeende landingsplaats bezocht en aan Penniston verzocht om een tekening te maken van wat hij de eerste nacht had gezien. Die afbeelding van het voertuig wijkt sterk af van wat Penniston later tevoorschijn zou toveren.

De verwarring over de juiste datum gaf verdedigers van de UFO- theorie het idee dat men bij het checken van de radargegevens niet goed had gekeken. Maar dat klopt niet, want het Engelse Ministerie van Defensie deed wel degelijk navraag en beperkte dat niet tot twee nachten. De radarwaarnemingen lieten in de hele periode niets bijzonders te zien. De lokale politie en het ministerie zagen geen reden om de zaak verder te onderzoeken.

Helemaal precies zijn de belevenissen van de veiligheidsagenten van Bentwaters gedurende de nachten van 26 en 28 december 1980 waarschijnlijk niet meer te reconstrueren. Er is echter weinig reden om aan te nemen dat er technologisch geavanceerde buitenaardse bezoekers langskwamen. De benaming van het Rendlesham Forest incident als ‘het Roswell van Groot-Brittannië’ is wel toepasselijk: als je er kritisch naar kijkt, blijft er in beide gevallen even weinig bewijs over.

Literatuur

  • Warren, Larry & Robbins, Peter (2005). Left at East Gate – updated edition. New York: Cosimo-on-Demand
  • Kean, Leslie (2010). UFOs: Generals, Pilots, and Government Officials Go on the Record. New York: Three Rivers Press. 179-188
  • Ian Ridpath (2010). New witness confirms that Rendlesham forest incident was triggered by a fireball. SUNlite, 2(5), 22
  • Printy, Tim (2011). Rendlesham’s holy relics and prophets. SUNlite, 3(2), 6-9
  • Printy, Tim (2012). The lighthouse at Orford Ness. SUNlite, 4(5), 21-22
  • Printy, Tim (2012). Rendlesham Astronomy. SUNlite, 4(6), 5-9
  • Website Ian Ridpath: www.ianridpath.com/ufo/rendlesham.htm
  • Clarke, David (2010). New Light on Rendlesham

Uit: Skepter 26.1 (2013)

Pepijn van Erp is wiskundige en bestuurslid van Skepsis.