Grappenmakers in het graan

door Rob Nanninga

In de afgelopen zomer verschenen er op meer dan veertig plaatsen mysterieuze cirkels in de Nederlandse korenvelden. Zieken zochten daar genezing, wichelroedelopers voelden vreemde energieën en onderzoekers zoals de fysicus dr. ir. Eltjo Haselhoff verklaarden dat de graancirkels onmogelijk allemaal door mensenhanden kunnen zijn gemaakt.

cropcircle

Haselhoff is aangesloten bij een groep Nederlandse cirkelonderzoekers onder aanvoering van Herman Hegge, die vorig jaar een boek over het onderwerp publiceerde. Overdag werkt hij als research director bij een grote onderneming terwijl hij in de zomer zijn vrije tijd in de Limburgse korenvelden doorbrengt. ‘We proberen alle feiten te inventariseren,’ vertelt Haselhoff, die soms nog wel eens wat moeite heeft om het verschijnsel serieus te nemen. ‘Dan denk ik: man, waar ben je toch in godsnaam mee bezig. Het is gewoon een grote grap!’ Maar bij nader inzien kan hij deze verklaring moeilijk accepteren omdat de cirkels er zo fraai uitzien.

‘We hebben zelf een keer geprobeerd zo’n cirkel te maken, maar dat leek er niet op. De halmen knikken of ze blijven niet plat liggen, de zaden vallen eruit en je vindt overal voetstappen. Je krijgt het niet zo vloeiend. Neem bijvoorbeeld dat ding in de buurt van Landgraaf. Daar lagen de halmen in buitenwaartse spiralen die in het midden in elkaar grepen. Dan denk ik: wie doet zoiets nu voor de lol?’

Sommigen beschouwen de cirkels als een noodkreet van Moeder Aarde, terwijl anderen ze in verband brengen met buitenaardse wezens die vanuit hun UFO’s de graanvelden bestralen. Volgens wichelroedelopers hebben ze te maken met paranormale krachtlijnen die door het landschap lopen. Haselhoff heeft nog geen keuze gemaakt uit deze verwarde theorieën. ‘Ik hoop elke keer weer iets te vinden: een clou of een aanwijzing. Het kost me wel veel tijd en benzine, maar daarnaast is het ook heel leuk. Je bent lekker buiten en je ontmoet de meest gekke vogels.’

Kikkersprongen

De eerste Nederlandse graancirkels werden in 1990 gesignaleerd in de buurt van Hoofddorp. Frits van der Veldt was snel ter plekke. Hij maakt al vele jaren studie van UFO-waarnemingen en probeert daar bij voorkeur normale verklaringen voor te vinden. Samen met een collega bracht hij enkele uren in het veld door om de vreemde cirkels te bestuderen. Hij kreeg de indruk dat het niet gemakkelijk was om zoiets te maken. Maar toen hij door de landerijen weer naar de weg toeliep, kwam hij een jongeman tegen die bekende één van de makers te zijn.

‘We hebben die jongen uitvoerig ondervraagd en zijn hele verhaal op de band gezet. Hij vertelde dat hij samen met een stuk of vijf vrienden via een tractorspoor het graan was ingelopen. Toen is er één in het midden gaan staan met een lange stok in zijn hand. Daar is de rest op de hurken achter gaan zitten. Met een soort kikkersprongen hebben ze de stok voor zich uit geduwd, totdat er een egale cirkel was ontstaan. Daarna zijn ze zo ver mogelijk uit de cirkel gesprongen en daar hebben ze elk een kleine cirkel gemaakt door op handen en voeten om hun as te draaien. Het was allemaal binnen een kwartier gebeurd.’

De jongen wist zoveel details, dat Van der Veldt geen reden had om aan zijn verhaal te twijfelen. Ook andere cirkels zijn volgens hem het werk van grappenmakers. ‘Ik kan me goed voorstellen dat een studentenvereniging of een sportclub er genoegen in schept om bij nacht en ontij zo’n stunt uit te halen. Ik denk dat je daar niet meer achter moet zoeken. Maar als iemand een betere verklaring weet, hou ik me aanbevolen.’

In enkele andere gevallen hebben de daders eveneens bekend. Zelf sprak ik een aankomend journalist van het Eindhovens Dagblad die vertelde hoe hij een paar jaar geleden samen met vrienden in het Zeeuwse graan actief was. Zulke bekentenissen worden echter niet altijd serieus genomen. Zo stuurde Van der Veldt zijn bevindingen naar Herman Hegge, maar die maakte daar in zijn boek geen melding van en noemde de graancirkels bij Hoofddorp ‘echt’.

Flaters

De Nederlandse graancirkels zijn overgewaaid uit Zuid-Engeland. Daar werden de eerste exemplaren aan het eind van de jaren ’70 aangetroffen. Colin Andrews en Pat Delgado schreven er een succesvol boek over nadat het aantal cirkels in 1988 sterk was toegenomen. In 1989 kregen ook de media veel belangstelling voor het mysterie. De meteoroloog Terence Meaden veronderstelde dat het graan werd platgedrukt door sterke wervelingen in geïoniseerde lucht, maar deze theorie hield geen stand. Vooral niet toen er vanaf 1990 veel complexere figuren in het graan verschenen, zogenaamde pictogrammen.

Een paar Engelse skeptici maakten in 1991 een graancirkel met behulp van een touw en een tuinroller, terwijl een tv-ploeg hun verrichtingen vastlegde. Ze waren bang dat de cameramensen te veel schade hadden aangericht door met hun apparatuur over het gewas te lopen, maar dat bleek mee te vallen. Terence Meaden raakte danig onder de indruk van de wijze waarop de halmen over elkaar lagen en verkondigde aan een journalist dat de cirkel zonder twijfel niet door mensen was gemaakt.

Niet lang daarna namen Doug Bower en Dave Chorley, twee gepensioneerde kunstenaars uit Southampton, contact op met een Engelse krant. Zij onthulden dat ze al dertien jaar lang graankunst maakten. Om het gewas plat te krijgen, gebruikten ze een plank aan een touw. Op uitnodiging van de krant vervaardigden ze een zogenaamd insectogram, waarvan eerder exemplaren in de omgeving van Stonehenge waren aangetroffen. De bekende cirkeldeskundige Pat Delgado werd uitgenodigd om hun werk te komen bekijken. Hij sloeg een behoorlijke flater door te beweren dat er van bedrog geen sprake kon zijn. Doug en Dave gaven later een openbare demonstratie van hun kunnen, maar die was naar men zegt niet zo overtuigend. Bovendien hadden ze helaas de neiging hun verhalen aan te dikken en elkaar tegen te spreken.

De Britse tv-producer John Macnish filmde in 1992 verscheidene cirkelmakers tijdens hun nachtelijke werkzaamheden, die later door ‘experts’ aan mysterieuze krachten werden toegeschreven. Eerder had Macnish in samenwerking met Andrews en Delgado een kritiekloze videofilm over het fenomeen gemaakt, maar inmiddels had hij zijn twijfels gekregen. Colin Andrews bekende in zijn Newsletter dat hij geschokt was door de onthullende beelden. ‘Zijn we echt allemaal bij de neus genomen?’ vroeg hij zich af. Later kwam hij echter tot de conclusie dat maar hoogstens de helft van de cirkels door mensen wordt gemaakt.

DNA-molecule

Graancirkelmakers worden doorgaans beschouwd als hinderlijke grappenmakers. Sommigen schijnen echter te handelen vanuit een religieus gevoel. Zo betoogde Chris Kenworthy dat je alleen perfecte graancirkels kunt maken wanneer je in een bijzondere bewustzijnstoestand verkeert. Chris beschouwt de patronen die hij ’s nachts in het graan vormt niet als een grap maar als een vorm van communicatie of interactie met het hogere. Deze hogere macht zou volgens hem al lang geen teken van leven meer geven wanneer er geen mensen waren die de boodschappen beantwoordden. Juist doordat zij aan het proces deelnemen, ontwikkelen de cirkels zich steeds verder.

De simpele cirkels die momenteel in Nederland nog veel bekijks trekken, hebben in Engeland al grotendeels afgedaan. Daar raakt men nog wel onder de indruk van de reusachtige kunstwerken die de laatste jaren in het koren verschijnen en die prachtige luchtfoto’s opleveren. Het tijdschrift Nature publiceerde afgelopen juli een korenfiguur die zich over tweehonderd meter uitstrekte en een DNA-molecule voorstelt. Een ander hoogtepunt was het artistiek uitgevoerde ‘spinnenweb’ dat eveneens in het graafschap Wiltshire te bewonderen was. Er bestaat zelfs een luchtfoto van een korenfiguur in de vorm van een sportfiets, al is het onduidelijk of die door deskundigen als echt is erkend.

In de Nederlandse media circuleerde dit jaar een verhaal over drie graancirkels bij het Groningse plaatsje Meeden. Die waren volgens een ooggetuige heimelijk gemaakt door een helikopter van het bedrijf Tom Vliegt voor U in Oosterwolde. In 1994 werd Tom ook al verantwoordelijk gesteld voor twee graancirkels in Noordbroek. Een raadslid uit Veendam beweerde dat hij de cirkels vanuit Toms helikopter met een compressor in het gewas had gespoten. Het valt echter te betwijfelen of je op deze wijze scherp omlijnde figuren kunt maken. Als de Nederlandse graancirkelmakers zich willen blijven verheugen in de belangstelling van de media, zullen ze volgend jaar waarschijnlijk wat meer vakmanschap aan de dag moeten leggen.

Uit: Skepter 9.3 (1996)

Meer artikelen over graancirkels
1. Remko Delfgaauw vertelt hoe hij in Zeeland en België fraaie graancirkels maakte die duizenden belangstellenden trokken.
2. Bespreking van een boek van de fysicus Eltjo Haselhoff die meent dat de biochemicus William Levengood heeft aangetoond dat het raadsel van de graancirkels nog lang niet opgelost.
3. Website van Engelse graancirkelmakers.

Rob Nanninga was hoofdredacteur van Skepter van 2002 tot 2014