door Jan Willem Nienhuys (03/06/2015)
Dyslexie bestaat maar wetenschappelijk onderzoek heeft duidelijk gemaakt dat dyslexie vele oorzaken kan hebben. Er zijn ook geen tests of wat dan ook om dyslectische kinderen te onderscheiden van kinderen die ‘gewoon’ zwak in lezen zijn. Aan de diagnose dyslexie heb je ook niets. Zwakke lezers moeten extra oefening krijgen. Hoe ernstiger het probleem hoe intensiever en langer er geoefend moet worden. Het enige criterium voor dyslexie is ‘hardnekkigheid ondanks adequate hulp.’ Punt.
Sommige mensen hebben, vaak door erfelijke oorzaken, beduidend meer moeite met lezen en leren lezen dan van ze wordt verwacht in onze geletterde samenleving. Die personen behoeven erkenning, aangepast onderwijs en zorg — zo vroeg mogelijk en meer en langer naarmate hun probleem hardnekkiger is. Teneinde te voorkomen dat hun pech de ontwikkeling van hun talenten in de weg staat.
Het bovenstaande is een samenvatting van een interessant artikel van Aryan van der Leij, hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam in de orthopedagogiek, in het bijzonder onderwijsleerproblemen.
Het verscheen in Skepter 27.2 (met een kaderstukje van Hans van Maanen over het aantal dyslectische studenten op universiteiten) en is hier te lezen [of als pdf te downloaden].
Lezen is een ingewikkeld proces. In de hersenen moet visuele informatie op de een of andere manier in hoog tempo in verband gebracht worden met klanken en betekenissen. Daarbij kunnen heel veel verschillende dingen misgaan.

Lezers van Italiaans zijn minder vaak dyslectisch dan lezers van Engels. Dat heeft er misschien mee te maken dat het omcoderen van letters naar klanken in het Italiaans een stuk eenvoudiger is dan in het Engels. In het Chinees hebben zwakke lezers weer hele andere problemen. Misschien krijgen de Chinezen wegens de ingewikkeldheid van hun schrift veel meer leesles en is daarom ‘dyslexie’ (illustratie: de Chinese omschrijving van dyslexie) in China geen bekend begrip, hoewel daar natuurlijk ook zwakke lezers zijn.
Elise de Bree, docent orthopedagogiek aan de Universiteit van Amsterdam schreef hierover in Taalcanon, en Skepter herpubliceerde haar artikel in verkorte en aangepaste vorm in Skepter 27.2. U kunt het hier downloaden, tezamen met het volgende artikel.
Henk Gianotten heeft kritiek op de claim dat de Dyslexie-letter zoveel beter (voor dyslectici) zou zijn dan bijvoorbeeld de Arial. Het is een prima leesbare letter: een helder, schreefloos lettertype in een behoorlijke grootte en voldoende afstand tussen de woorden onderling en ook tussen de regels. Maar er is geen enkel wetenschappelijk bewijs dat de Dyslexie-letter beter is voor dyslectici dan vergelijkbare bestaande lettertypes (bijvoorbeeld even grote Frutiger-letters).
Het artikel verscheen in Skepter 27.2 en u kunt het hier lezen [of downloaden als pdf].
Ten slotte is er nog een bedrijf genaamd Xlens dat gekleurde brillen die niet meer dan een paar euro hoeven te kosten voor vreselijk veel geld verkoopt als panacee tegen dyslexie. Alsof je een auto die niet rijdt door ‘motorpech’ weer aan de gang kunt krijgen met getinte voorruiten. Het bedrijf klaagt over het artikel ‘Peperdure gekleurde bril tegen dyslexie van Xlens’ uit Skepter 18.2, maar Pepijn van Erp constateert dat Xlens geen poot heeft om op te staan. Er is nog steeds geen enkel behoorlijk bewijs dat een gekleurde bril meer dan een placebo-effect heeft bij dyslexie.
Het artikel van Van Erp uit Skepter 27.2 kunt u hier lezen [of downloaden als pdf].
Oorspronkelijk was dit artikel gepubliceerd op het (oude) Skepsis-blog en bestond de mogelijkheid om daaronder in discussie te gaan, waar geregeld uitvoerig gebruik van werd gemaakt. De discussie onder dit bericht kan de geïnteresseerde teruglezen in deze pdf (18 pagina’s).