TT

De zuster wil strijken

door Rob Nanninga

Therapeutic Touch (TT) lijkt sterk op het aloude strijken of magnetiseren. Maar er is een belangrijk verschil: je kunt het in een weekje leren. De laatste tijd is deze alternatieve behandelwijze ook in ons land in opkomst. Veel verpleegkundigen zien het als een manier om zich weer echt nuttig voor de patiënt te maken.

[Onder dit artikel staan verwijzingen naar recente artikelen over TT.]

Samen met twee collega’s gebruikt Renske de methode sinds een half jaar op de afdeling oncologie van een algemeen ziekenhuis. Vooral patiënten die zich gespannen of angstig voelen, hebben er volgens haar baat bij. ‘Ik leg ze eerst uit dat het te maken heeft met de theorie dat er in en om het lichaam energie stroomt. Met Therapeutic Touch probeer je die energie beter te laten doorstromen. Je kunt ook energie geven. De patiënt gaat zich daardoor lekkerder voelen, zowel geestelijk als lichamelijk. Ik vertel dat het in ieder geval ontspanning geeft en dan zeg ik: zullen we eens proberen of het bij u ook effect heeft? Sommige patiënten merken niks, maar voor anderen is het een extra steuntje in de rug.’

Een TT-behandeling duurt slechts vijf tot tien minuten, zodat patiënten gemakkelijk tussen de bedrijven door geholpen kunnen worden. Men hoeft ze daarbij niet aan te raken. Alleen hun energieveld wordt betast. Hoewel wetenschappers dit etherische veld nog niet hebben geregistreerd, kan iedereen het voelen. Breng uw handpalmen maar eens dicht bij elkaar en u zult wellicht merken dat zich daartussen een warm tintelend of elastisch veld bevindt. En daarmee heeft u uw eerste stukje TT-cursus al gehad.

Evenals haar medecursisten was Renske al spoedig in staat energievelden waar te nemen. ‘Tot mijn verbazing was dat heel gemakkelijk. Het is een subtiele tastzin die iedereen heeft en die je op de cursus ontwikkelt. Bij een erg pijnlijke plek voel ik mijn vingers nu soms duidelijk prikkelen. Maar je mag het niet gebruiken als diagnose. Iedereen neemt op zijn eigen manier waar, al zullen goed getrainde TT’ers waarschijnlijk wel allemaal dezelfde plek vinden. Martine, onze cursusleidster, vertelde over een paranormale genezer die oude botbreuken van tien jaar geleden nog kon waarnemen. Maar zover gaat de basis-TT niet.’

Etherische transformatorhuisjes

Het exclusieve recht om in Nederland TT te onderwijzen en diploma’s uit te reiken berust bij het Van Praag Instituut te Utrecht. Het Instituut is opgericht door medewerkers van het Parapsychologisch Instituut, dat in hetzelfde pand is gevestigd. Na een kleinschalig begin worden er nu jaarlijks al vierentwintig cursussen georganiseerd. ‘We zitten propvol,’ vertelt parapsychologe Martine Busch. Zij hoopt dat TT in Nederland net zo succesvol zal zijn als in de Verenigde Staten, waar de methode wordt aanbevolen door de National League for Nursing.

Dolores KriegerTherapeutic Touch werd in de jaren ’70 ontwikkeld door Dolores Krieger, hoogleraar verpleegkunde aan de Universiteit van New York. Zij werkte nauw samen met haar paranormaal begaafde vriendin Dora Kunz, voorzitster van de Amerikaanse Theosofische Vereniging en schrijfster van occulte boeken. Beiden geloofden in het bestaan van een universele levenskracht die via de handen van een genezer aan patiënten kan worden overgedragen. Waarom via de handen? Omdat zich daarin chakra’s zouden bevinden. Chakra’s zijn van oorsprong religieuze voorstellingen die yogi’s gebruiken om een hogere staat van bewustzijn te bereiken, maar ze worden in het westen vaak beschouwd als een soort fijnstoffelijke transformatorhuisjes.

De traditionele chakra’s liggen op één lijn, zo’n beetje van de kruin tot het stuitje, maar Kunz voegde twee handzame exemplaren toe. Ook Krieger begon te strijken en ontwikkelde een gestructureerde aanpak die ze kon onderwijzen. Een student moet zichzelf eerst in een meditatieve toestand brengen – het ‘centeren’ – en vervolgens het energieveld aftasten door zijn handen op een decimeter afstand langs het lichaam van de cliënt te bewegen. Wanneer hij op een bepaalde plaats een golf van warmte, druk of zwaarte voelt, duidt dit op een ‘losse congestie’. Zo’n blokkade kan gemakkelijk met lange halen uit het energieveld worden weggestreken. Mocht het spul aan de handen blijven plakken, dan dient men ze even af te schudden. Een ‘vaste congestie’ voelt koud of leeg aan en moet eerst worden ingestraald voordat hij loskomt. Vaak zit er een energietekort onder, dat een trekkend gevoel in de handen veroorzaakt.

Als Krieger het over kou of warmte heeft, bedoelt ze daarmee niet iets dat met een thermometer kan worden gemeten. Het gaat hier om een eigenschap van de veronderstelde levensenergie, die alleen subjectief kan worden ervaren. Toch moet het mogelijk zijn om na te gaan of TT-beoefenaren het ene energieveld van het andere kunnen onderscheiden. Zo beschrijft Krieger een eenvoudige proef waarbij zij een bolletje watten met levensenergie instraalt. Als een TT’er haar handchakra boven dit bolletje houdt, merkt zij meestal dat het heet aanvoelt. We kunnen daar heel eenvoudig een echte test van maken door de TT’er een aantal bolletjes te geven waarvan er slechts één is ingestraald. Kan zij dan op basis van haar ervaringen vaststellen welk bolletje dat is? Naar het schijnt is niemand ooit op dat idee gekomen om dit te onderzoeken.

Volgens Krieger zijn er al meer dan vijfendertigduizend mensen uit de gezondheidszorg bij haar in de leer zijn geweest. Deze TT-beoefenaren dragen met trots de geuzennaam die de professor hen gaf: ‘Krieger’s Krazies’. Zij herstellen het dynamische evenwicht in het energieveld van hun patiënten door blokkades op te heffen, tekorten aan te vullen en plooien glad te strijken. In haar laatste boek noemt Krieger het energieveld ‘De kleren van de Keizer’, omdat het onzichtbaar is. Blijkbaar heeft ze het sprookje van Andersen niet helemaal begrepen.

Pandimensionaal holisme

Martha RogersWaarschijnlijk zou Kriegers luchtstrijkerij nooit zoveel erkenning hebben gekregen als ze niet gesteund zou zijn door de vermaarde Martha Rogers. Zij was sinds 1975 emeritus hoogleraar aan dezelfde universiteit waar Krieger doceerde en propageerde een nieuw soort verpleegkunde die ze de Science of Unitary Human Beings noemde. Dit holistische mens- en wereldbeeld gaf de verplegingswetenschap een unieke positie ten opzichte van de gangbare wetenschappen. De holistische mens kan volgens Rogers niet begrepen worden door alle wetenschappelijke kennis bij elkaar te voegen, want het geheel is iets totaal anders dan de som der delen. Daarom hoeven verpleegkundigen niet veel te weten van anatomie of fysiologie. Astronomie is minstens zo nuttig, omdat Homo sapiens spoedig zal evolueren tot Homo spacialis, de ruimtemens. Rogers, een sciencefictionfan, gaf de aanzet tot een reeks congressen over ‘verpleging in de ruimte’.

Rogers omschrijft de mens als een onherleidbaar en ondeelbaar, vierdimensionaal energieveld dat ‘in mutual process’ met het omgevingsveld een dynamisch golfpatroon vormt. Een belangrijke verbetering was de invoering van het begrip pandimensionaal. Hoe ze dit inzicht ontwikkelde, is veelzeggend: ‘Plotseling, ’s morgens om een uur of drie, wist ik dat pandimensionaal het juiste woord was.’

Rogers’ leerlingen, die als docenten over veel universiteiten en beroepsopleidingen zijn uitgezwermd, beschouwen zichzelf als een elitekorps dat de mensheid naar een optimale staat van welzijn kan voeren. De wetenschap van Rogers had echter één manco: het was onduidelijk hoe deze in praktijk moest worden gebracht. Rogers liet enkele studenten promoveren op fysiologisch onderzoek naar de veronderstelde energievelden, maar dat leverde niets op. Kriegers Therapeutic Touch kwam daarom als geroepen. Deze bood de mogelijkheid de energievelden zelf te ervaren en te beïnvloeden. Bovendien vormt TT een vruchtbaar onderzoeksterrein, dat al een tiental dissertaties heeft opgeleverd.

Patricia Heidt promoveerde in 1979 op een onderzoek waarbij zij twee groepen patiënten met elkaar vergeleek. De ene groep kreeg een TT-behandeling van vijf minuten, terwijl men bij de controlegroep meermaals de pols opnam. Het angstniveau van de patiënten werd voor en na de behandeling gemeten door middel van een vragenlijst. TT had naar het scheen een rustgevender effect dan het opnemen van de pols, maar dat zal weinigen verbazen. Ook enkele andere onderzoekers gaven hun controlegroep een sterk afwijkende behandeling, zodat het onduidelijk is waaraan we de resultaten mogen toeschrijven.

Janet Quinn echter liet in haar promotieonderzoek de controlegroep behandelen door een verpleegster die de strijkende bewegingen van TT zo goed mogelijk nabootste. Om te voorkomen dat zij ongemerkt zou ‘centeren’ moest ze in gedachten rekensommen maken. Deze imitatie-TT scheen minder kalmerend te werken dan de echte TT. Vijf andere promovendi vonden daarentegen geen significante verschillen. Ook Quinn kon haar eigen succes niet herhalen. Misschien kwam dat omdat de patiënten deze keer met hun rug naar de behandelaar (Quinn zelf) toe lagen, zodat ze niet konden zien hoeveel liefde zij uitstraalde.

Een onvindbaar instituut

Al met al zijn de onderzoeksresultaten verre van opzienbarend. De meeste experimenten leverden geen significant resultaat op en ze vertonen bijna allemaal ernstige gebreken. Een gunstige uitzondering is het werk van Daniel Wirth, de directeur van Healing Sciences Research International. In 1993 rapporteerde hij een experiment waarbij hij een stukje huid uit de bovenarm van zijn proefpersonen nam. Zij moesten elke dag naar het laboratorium komen en hun arm tegen een doorkijkspiegel houden. De helft werd zonder dat ze het wisten van achter de ruit met TT behandeld, terwijl de rest geen behandeling kreeg. Na vijf dagen werden de wonden gefotografeerd en de foto’s werden voorgelegd aan onafhankelijke artsen. Zij stelden vast dat zeven van de 24 wonden geheel genezen waren. Deze waren alle zeven met TT behandeld: een significant resultaat. Helaas leverde een exacte replicatie van dit wondgenezingsexperiment een tegenovergesteld resultaat op: dit maal was de niet-behandelde groep duidelijk beter af.

De skeptische filosoof Dale Beyerstein besloot contact op te nemen met Daniel Wirth om meer over diens onderzoek aan de weet te komen. Dat bleek geen eenvoudige opgave. Het adres van het researchinstituut dat in de onderzoeksartikelen werd vermeld, behoorde toe aan een postkantoor in Orinda en een telefoonnummer stond in de wijde omtrek nergens geregistreerd. Beyerstein spoorde mensen op die met Wirth contact hadden gehad en stuurde aangetekende brieven naar zijn postbus, maar na twee jaar weet hij nog steeds niet waar het instituut is gevestigd. Ook collega-onderzoekers zoals Janet Quinn kunnen dat niet vertellen. Pas enkele weken geleden kreeg Beyerstein voor het eerst een reactie van Wirth, op blanco briefpapier en zonder handtekening. De onderzoeker dreigt een rechtzaak te zullen aanspannen als Beyerstein zijn bevindingen publiceert. [Wirth bleek later een oplichter te zijn en moest een meerjarige celstraf uitzitten.]

New-Age-zuster

Florence Nightingale schreef in de 19de eeuw dat verpleegsters er zorg voor moeten dragen een omgeving te scheppen die het natuurlijke genezingsproces bevordert. Hedendaagse verpleegkundigen hebben echter dikwijls het gevoel dat ze aan het echte verplegen niet meer toekomen. Ze voelen zich het hulpje van de dokter en moeten zich met allerlei technische zaken bezighouden. Dat is een van de redenen waarom Therapeutic Touch hen aanspreekt. Het biedt de mogelijkheid meer inhoud te geven aan het zorgaspect van hun werk.

‘TT heeft me opnieuw geïnspireerd voor het verplegen’, zegt Renske. ‘Je gaat vaak de verpleging in omdat je graag mensen wilt helpen, maar dat komt lang niet altijd uit de verf. Het is altijd druk en soms ga je erg gefrustreerd naar huis. Toen ik met TT aan de gang ging, kreeg ik eindelijk het gevoel dat ik weer echt iets aan mensen kon geven. Het is ook belangrijk als rustmoment voor jezelf. Op de cursus leer je heel bewust met één taak tegelijk bezig te zijn. Martine zei: als het je niet lukt om op de afdeling te oefenen, doe het dan op de wc. Blijf even wat langer zitten. Even rust.’

Sommige verpleegkundigen mogen TT nog niet in hun ziekenhuis toepassen, maar op de afdeling van Renske had men er geen bezwaar tegen. ‘Wij hebben geen toestemming gevraagd, we zijn gewoon begonnen. Het gaat immers om een verpleegkundige interventie. We doen het ook nooit in de plaats van een andere therapie. Onze teamleider is heel positief en sommige collega’s gaan misschien ook een cursus doen. Ik denk dat er op dit gebied nog veel meer mogelijk is, maar dat gaat natuurlijk niet allemaal in één keer. Volgend jaar ga ik de vervolgcursus doen.’

In het Radboudziekenhuis in Nijmegen hebben inmiddels tien verpleegkundigen een TT-cursus gevolgd. Een van hen is hoofdverpleegkundige R. Smits, die enthousiast is over de resultaten: ‘Er treedt een bepaalde ontspanning op, waardoor patiënten zich prettiger voelen en wat beter door moeilijke periodes heenkomen.’ Volgens haar is de therapie niet paranormaal omdat TT’ers gebruikmaken van hun normale tastzin: ‘Hoe meer je ermee werkt, hoe gevoeliger je ervoor wordt. Een energieveld is een soort elektrische lading die iedereen om zich heen heeft. Als iemand net geopereerd is, kun je dat voelen.’

Op de afdeling van Smits wordt TT met instemming van de arts aangeboden, maar zij kent ook een afdeling waar men de methode uitdrukkelijk heeft verboden. Momenteel heeft TT nog geen officiële status binnen het ziekenhuis. De directie vraagt zich af of de effectiviteit wetenschappelijk kan worden aangetoond. Het aantal TT’ers verdubbelt echter jaarlijks, zodat het misschien niet lang meer zal duren voordat de leiding zich wat soepeler gaat opstellen.

Het lijkt niet uitgesloten dat patiënten in de toekomst overal een New-Age-zuster kunnen roepen om hun energieveld te laten gladstrijken. De behandeling is naar alle waarschijnlijkheid een placebo. Maar werken placebo’s niet het beste wanneer de toedieners heilig geloven dat het nou net géén placebo’s zijn?

Noot

In 2002 waren er in het Radboudziekenhuis al ruim dertig verpleegpundigen die TT toepasten op 10 verschillende afdelingen. In 2003 heeft de directie van het ziekenhuis besloten de methode te verbieden. Uit een recent enqueteonderzoek van R. van der Ven (2011) waaraan 41 ziekenhuizen deelnamen, bleek dat 5 van deze ziekenhuizen hun patiënten soms TT aanboden om stress te bestrijden.

Dit artikel verscheen op 22 november 1996 in het weekblad Intermediair.

Zie ook:

Therapeutic Touch – Evidence based of paranormaal? (2012)

Therapeutic Touch voor verpleegkundigen (2005)

Bespreking van een cursusboek over TT (1996)

Rob Nanninga was hoofdredacteur van Skepter van 2002 tot 2014