Dirk Koppenaal vult de flesjes met Vitalisator

Een rusteloze grafsteen

door Gert Jan van ’t Land

Een bewegende grafsteen in het Friese Aalsum werd in februari 2009 een internationale mediahype. Grafstenen bewegen echter wel vaker uit zichzelf en daar is een natuurlijke verklaring voor.

Op 8 februari 2009 kwam de bewegende grafsteen in het buurtschap Aalsum nabij Dokkum landelijk in het nieuws. Het sensationele en huiveringwekkende verhaal over een graf dat zichzelf herhaaldelijk opende, trok ook in België en Italië de aandacht van journalisten en publiek. Al snel zoemden de spirituele internetfora van de paranormale theorieën. De meeste serieuze Nederlandse nieuwsmedia presenteerden het verhaal als een ‘mysterie zonder verklaring’. Men beperkte zich gewoonlijk tot uitspraken van de politie en de koster van de kleine kerk in Aalsum. Het Dagblad van het Noorden citeerde een steenhouwer in Buitenpost: ‘Het zou wat mij betreft alleen een dikke muskusrat kunnen zijn.’

Enkele andere media vroegen zich af of de bewegende grafsteen een paranormaal of bovennatuurlijk verschijnsel was. Had de geest van de overledene er misschien iets mee te maken? De raadselachtige gebeurtenissen op het stokoude dorpskerkhof, waarvoor niemand een bevredigende verklaring kon leveren, boden alle ingrediënten om een mediahype te worden. In juni 2009 verschenen er opnieuw berichten over de grafsteen in de krant nadat de politie meldde dat het onderzoek was afgesloten zonder dat men begreep waarom de zware steen was gaan schuiven.

Politieonderzoek

Ik besloot de feiten zelf te onderzoeken en voerde een gesprek met koster Tjerk Smit van de hervormde kerk in Aalsum, die ook verantwoordelijk is voor het onderhoud van de begraafplaats. Hij ontdekte op vrijdag 26 december 2008 dat de grafsteen van een recent aangelegd graf was verschoven. Een bezoeker van de begraafplaats had hem daar omstreeks half drie ’s middags op geattendeerd. De koster is er zeker van dat de steen nog op zijn plek lag toen de kerk om kwart over twaalf uitging. Zoals gebruikelijk bij historische kleine kerken ligt het kerkhof in Aalsum direct naast en rondom de kerk. De verschoven grafsteen lag dicht langs het voetpad naar de ingang van de kerk.

De grafsteen, een zware dekplaat, was circa een meter verschoven in de lengterichting van het graf en tot stilstand gekomen tegen een naastgelegen graf. Smit had de politie op de hoogte gesteld omdat hij vandalisme mogelijk achtte. Kort daarna verschoof de steen nog drie keer naar dezelfde plek. Het gebeurde steeds ’s middags, maar Smit weet de data niet meer precies. Hij lichtte elke keer de politie in, die besloot een formeel onderzoek in te stellen op grond van een verdenking van grafschennis.

Nadat de rusteloze grafsteen voor de vierde keer had bewogen, werd er een bewakingscamera geplaatst. De camera registreerde de vijfde (en laatste) keer dat de steen verschoof. Helaas kreeg ik geen toestemming om deze beelden te bekijken. Ook de overige onderzoeksgegevens waren op grond van de Wet Politiegegevens niet beschikbaar. Vier medewerkers van de regiopolitie Friesland waren wel bereid om er telefonisch iets over te vertellen. Ze konden zich de beelden van de bewakingscamera nog goed herinneren.

De grafsteen schoof onverwacht en zonder zichtbare aanleiding in een rechte lijn in de lengterichting van het graf en kwam tot stilstand tegen de grafsteen van het naastgelegen graf. De grafsteen had zich niet omhoog bewogen, zoals sommige nieuwsmedia rapporteerden op basis van interviews met de koster. Daar waren de agenten volkomen zeker van. Er zou een behoorlijk grote kracht nodig zijn om een plaat van bijna 400 kilo op te tillen, maar voor naar beneden glijden speelt dit geen rol. Het tijdstip van de beweging was ook in dit geval ’s middags. De opnamen toonden dat het zonnig weer was en dat er wat smeltende sneeuw of ijs op de grafsteen lag.

Op grond van de beelden en na weging van alle informatie die het onderzoek had opgeleverd, besloot de politie dat er geen aanleiding was om grafschennis te veronderstellen. Het onderzoek werd in juni 2009 gesloten. In een persbericht liet de politie weten dat er sprake was van een niet nader gespecificeerd natuurlijk verschijnsel. Het is niet de taak van de politie om natuurverschijnselen te onderzoeken als er geen misdaad is gepleegd, hoe intrigerend een verschijnsel ook mag zijn.

De politie besloot alle onderzoeksmateriaal vertrouwelijk te houden. Dit gebeurde naar het schijnt vooral op uitdrukkelijk verzoek van de familie van de overledene. Hun wensen kregen vermoedelijk voorrang boven een eventueel publiek belang van een onderzoek, ook al had zo’n onderzoek alle speculaties kunnen beëindigen door een rationele verklaring te bieden.

Anders dan sommige nieuwsmedia berichtten, is het fenomeen niet onderzocht door het Nederlands Forensisch Instituut (NFI). Dit verklaarde Inge Oevering, woordvoerder van het NFI. De Nederlandse ‘CSI-onderzoekers’ kunnen dus geen licht werpen op de zaak. Volgens een interview in de Volkskrant waren de bewakingsbeelden wel bestudeerd door een hoogleraar geologie, Paul Andriessen. ‘Ik heb de beelden gezien. Je ziet de steen van het graf afschuiven’, sprak hij. Maar dat blijkt niet te kloppen, want in antwoord op mijn mailtje schreef Andriessen: ‘Ik ben niet betrokken geweest en heb ook geen video-opname gezien. Een journaliste heeft mij gebeld en naar mijn mening gevraagd.’

Ondertussen had de steenhouwer in de lente van 2009 maatregelen genomen om ervoor te zorgen dat de grafsteen in de toekomst niet meer kan bewegen: met cement en enkele pennen werd de steen vastgemaakt aan het granieten kader waarop hij rust. Sindsdien is het in Aalsum weer even rustig als in de eeuwen voorafgaand aan het incident met de onrustige grafsteen.

Water en ijs

Ondanks de spaarzaamheid van de gegevens is er een aannemelijke verklaring. Die luidt dat er onder de juiste weersomstandigheden water terecht kan komen in de spleet tussen de grafsteen en het rechthoekige stenen raamwerk dat de grafsteen draagt. Dit water kan bevriezen en deels weer ontdooien. Een combinatie van water en ijs in de spleet tussen de stenen kan verklaren waarom de grafsteen verschoof. Er waren meerdere ingrediënten nodig om de steen in beweging te krijgen:

De grafsteen is onder een schuine hoek geplaatst.
De grafsteen, een dekplaat van ongeveer 400 kilo, ligt niet precies vlak, maar is zoals te doen gebruikelijk, geplaatst onder een kleine hoek (zie foto). De helling bedraagt ongeveer 15 procent. Daardoor kan de grafsteen onder invloed van de zwaartekracht gaan glijden, en wel in een rechte lijn naar het laagste punt van het graf.

Gladde en gepolijste oppervlakken van de stenen.
De granieten grafsteen en het rechthoekige granieten raamwerk dat de grafsteen draagt, zijn beide zichtbaar zeer glad en gepolijst. Daardoor is de wrijving tussen de stenen gering.

Water en de juiste weersomstandigheden.
Het gladde en gepolijste oppervlak van de stenen en de schuine hoek waaronder de grafsteen is geplaatst, zijn op zich niet voldoende om de grafsteen te laten bewegen. Anders zou hij onmiddellijk na plaatsing al zijn gaan glijden. Er was ten minste één ander ingrediënt nodig. Zoals koster Smit verklaarde, bewoog de grafsteen steeds onder vergelijkbare weersomstandigheden: een koude nacht met temperaturen onder nul, een beetje sneeuw of ijs op de grafsteen en ’s middags zonnig weer. Vermoedelijk leidden deze omstandigheden tot het volgende.

Tussen de grafsteen en het stenen raamwerk waarop hij rust drong door capillaire werking water binnen, vermoedelijk smeltwater, regen of sneeuw die tegen de zijkant van het graf aan was gekomen. Water alleen is niet voldoende om de steen in beweging te krijgen, anders zou elke regenbui hem doen wegglijden. Er kan zich echter een laagje ijs hebben gevormd, dat op twee momenten kan zijn ontstaan: in de voorafgaande dagen doordat water bevroor in de spleet tussen de stenen, of in de uren voorafgaand aan het schuiven van de steen, doordat smeltwater in de spleet liep en daar bevroor. De onderste stenen bleven langer koud dan de grafsteen zelf omdat ze beter in contact zijn met de koude ondergrond en niet rechtstreeks werden verwarmd door de zon. De zwarte kleur van de grafsteen hielp bij de opwarming.

Welke van deze processen zich alleen of in combinatie hebben voorgedaan, is minder relevant; het resultaat is hetzelfde. Er vormde zich op een aantal plaatsen tussen de grafsteen en de dragende stenen een ijslaagje. Omdat ijs meer ruimte inneemt dan water is het waarschijnlijk dat het contact tussen de grafsteen en de dragende stenen door de ijsvorming afnam. De grafsteen kwam deels los van de dragende stenen en ging rusten op een dun ijslaagje. De uitzettingskracht van ijs is enorm. Splijting van stenen door ijsvorming werd o.a. toegepast in oude steengroeven. (1)

Het is goed mogelijk dat het ijs aanvankelijk een brug vormde tussen de dragende stenen en de grafsteen, waardoor deze op zijn plaats werd gehouden. Maar onder de grafsteen, warm door de middagzon, smolt vervolgens op steeds meer plekken het ijs en ontstond een waterlaagje op het ijs. De ijsbruggen tussen de stenen smolten, waardoor de grafsteen ‘losser’ kwam te liggen. Door de combinatie van water en ijs nam de wrijving tussen de stenen steeds verder af. Dit leidde uiteindelijk tot een situatie dat de zwaartekracht het won van de wrijving tussen de stenen.

Toen de grafsteen eenmaal in beweging was gekomen, ging de beweging door totdat de steen tot stilstand kwam tegen het naastgelegen graf. Zo’n doorgaande beweging na een plotselinge start is een normaal verschijnsel. Het is in de mechanica een bekend feit dat de wrijvingskracht tussen bewegende delen (de kinetische wrijving) kleiner is dan tussen dezelfde delen als ze stilstaan (de statische wrijving). Volgens koster Smit was de grafsteen in oktober 2008 aangelegd. Sindsdien lag deze in feite klaar om in beweging te komen onder de juiste omstandigheden.

Vlaamse steenhouwer

De Vlaamse krant Het Belang van Limburg was voor zover ik weet de enige krant die op zoek ging naar een natuurlijke verklaring voor de wandelende grafsteen in Aalsum. Een journaliste van de krant sprak onder meer met een steenhouwer van een bedrijf in grafzerken te Borsbeek. Hij vertelde dat het fenomeen vaker voorkomt. Ik nam zelf ook contact op met het bedrijf. Men bevestigde dat een grafsteen kan gaan glijden wanneer hij onder een schuine hoek is aangelegd en evenals het onderliggende kader zeer glad gepolijst is, zoals in België meer de mode is dan in het sobere Friesland. Een beetje sneeuw of water en zonnig weer na een koude nacht lijken ook te helpen. Precies dus wat er in Aalsum aan de hand was. Meestal is het ruw maken van de stenen voldoende om het euvel te verhelpen. In sommige gevallen wordt de grafsteen vastgezet met pennen.

Bewegende grafstenen komen weinig voor, maar het verschijnsel is niettemin bekend in de praktijk van sommige steenhouwers. Natuurkundige en meteorologische omstandigheden bieden een aannemelijke verklaring, die ook van toepassing is op de grafsteen in Aalsum. Het is jammer dat de autoriteiten geen serieus onderzoek naar een verklaring hebben gedaan. Hopelijk zal bij een volgend incident de begraafplaatsbeheerder snel en discreet de zerkenmaker bellen in plaats van de politie. Ik ben benieuwd of deze nieuwe ‘urban myth’ (of dorpsmythe) nog jarenlang op internet zal blijven rondzingen.

Noot

1. Zie voor een beschrijving: M. Gage en J. Gage (2005). The Art of Splitting Stone: Early Rock Quarrying Methods in Pre-Industrial New England 1630-1825. Powwow River Books, 2nd edition, p. 78.

Uit: Skepter 22.1 (2009)

Gert Jan van 't Land is bestuurslid van Skepsis.