Het onderwijs en de platte aarde

door Bernard Vermet

In de middeleeuwen dacht bijna iedereen dat de aarde plat was, en Columbus probeerde het tegendeel te bewijzen door via het westen naar Indië te varen. Iedereen kan inmiddels beter weten, maar op pabo’s en basisscholen doen deze fabels nog steeds de ronde. Ook schrijvers van lesmethoden voor het voortgezet onderwijs laten zich niet onbetuigd.

Drie jaar terug bezocht ik met mijn achtjarige zoon het Museon in Den Haag. Op de tentoonstelling ‘Wetenschap verandert je wereld’ viel te lezen dat volgens de kerk in de middeleeuwen de aarde plat was. Weliswaar zouden middeleeuwse wetenschappers wél van de bolvorm hebben geweten, maar daar werd het niet echt beter van — alsof er wetenschap buiten een kerkelijke en religieuze context zou hebben bestaan. Vorig schooljaar trof ik vergelijkbare teksten in het geschiedenisboek van mijn inmiddels tienjarige zoon en in een populair handboek voor de pabo. Daarmee leek het mij tijd voor een wat meer systematisch onderzoekje.
Jan Willem Nienhuys schreef in 1994 al eens over het onderwerp (Skepter 7.4) en constateerde toen dat de fabels nog in vrijwel alle Nederlandse lesmethodes voor het voortgezet onderwijs van dat moment aanwezig waren. In twintig jaar tijd blijkt er weinig veranderd.

‘Een dertiendeeeuwse kaart met als middelpunt Jeruzalem. Het idee van een platte aarde bestond al lang en het was ook de opvatting van de kerk,’ volgens Geschiedenis geven. De kaart stamt uit 1482.
‘Een dertiendeeeuwse kaart met als middelpunt Jeruzalem. Het idee van een platte aarde  bestond al lang en het was ook de opvatting van de kerk,’ volgens Geschiedenis geven. De kaart stamt uit 1482.

Pabo

Het populaire Geschiedenis geven stelt dat de kerk in de middeleeuwen leerde dat de aarde plat was. Ter illustratie wordt een kaart getoond uit 1482, compleet met lengte- en breedtegraden, evenaar en beide keerkringen. Het bijschrift vermeldt dat de kaart uit de dertiende eeuw stamt. De afbeelding stond al in de eerste druk uit 2004, wat inhoudt dat uitgever en auteur al tien jaar zitten te suffen.
Van huis uit en Geschiedenis en samenleving wekken de suggestie dat Columbus’ voorstel in westelijke richting te varen controversieel was vanwege de daarvoor noodzakelijke aanname van een ronde aarde. De laatste voegt daaraan toe dat de bemanning bang was van de aarde te vallen.
Juist zeelieden wisten echter door hun ervaring met kimduiking – het verschijnsel dat een bergtop of torenspits als laatste achter de horizon verdwijnt — dat de aarde rond was. In Columbus’ reisjournaal komt de randfobie dan ook niet voor. De angstige bemanning voelt er niets voor ‘door te gaan tot het einde van de wereld’, maar dat einde is figuurlijk, want de zin vervolgt: ‘vooral niet als ze nog meer worden opgehouden [door zeewier en weinig wind] en niet genoeg proviand zullen hebben voor de terugreis.’
Onvoorspelbaar verleden suggereert dat de ronde aardvorm net als het door Copernicus gepostuleerde heliocentrisme nieuw en omstreden was. In Aardrijkskunde en didactiek wordt alles door elkaar gehaald:

Tot ver in de middeleeuwen dachten de mensen dat de aarde plat was en het middelpunt van het heelal. Dat noemen we het geocentrische wereldbeeld. Aan het einde van de Middeleeuwen slaagden Copernicus (± 1500) en Galilei (± 1600) erin om de mensheid … te overtuigen dat de aarde een bol is die net als de andere planeten in een baan om de zon draait. Daarmee werd 1800 jaar na de vrij nauwkeurige omtrekberekeningen van de aardbol door Erathostenes [sic] het heliocentrische wereldbeeld … algemeen geaccepteerd.

Basiskennis geschiedenis vermeldt enkel dat Columbus westwaarts voer om Indië te ontdekken. Als we ‘ontdekken’ door de vingers zien, is dit de enige op dit punt foutloze lesmethode. Is de auteur, Hans Keissen, wellicht gered door de beknoptheid van zijn tekst? Bij een belronde langs pabo’s, kreeg ik hem zelf aan de lijn. Nee, de platte aarde was niet slechts toevallig afwezig. Zijn verzuchting op mijn mededeling dat hij daarin de enige was: ‘Ach ja, sommige verhalen zijn ook gewoon te mooi om niet waar te zijn.’

Basisonderwijs

Zoals te verwachten, sluit het basisonderwijs aan op wat op de pabo’s is aangeleerd. Een zee van tijd is geschreven door Ron de Bruin, die ook de bovengenoemde pabo-methode Geschiedenis geven verzorgde. In deze en in de meest recente geschiedenismethode van uitgeverij Zwijsen, Tijdzaken, staat een afbeelding van een platte aarde en moeten leerlingen er een tekenen.
Volgens Speurtocht dachten ‘veel mensen dat de wereld plat was. Je kon zo van de rand vallen!’ In Wijzer door de tijd moeten de kinderen ‘zich verplaatsen in het wereldbeeld van de bemanning’ door ‘een tekening te maken van een schip dat bijna van de aarde afvalt.’ Twee oudere lesmethodes van Noordhoff zijn nog sporadisch in omloop. In Spoorzoeken uit 2003 is Columbus’ bemanning bang van de aarde te vallen, in Tijdstip, uit 2004, wil Columbus bewijzen ‘dat de aarde rond was en niet plat.’
Dit jaar komt Noordhoff met Wijzer. De uitgever zond mij een halve pagina waarin Columbus zegt: ‘Nu varen we altijd de ene kant op om in India te komen. Maar de wereld is rond, dus als we de andere kant opvaren, komen we er ook.’ Op zich juist, maar zo’n tekst geeft de leerkracht nog alle gelegenheid de platte aarde er zelf bij te fabuleren.
Alleen in Bij de tijd (Malmberg) weet de bemanning in deel 5 dat de aarde rond is en wordt vermeld dat Columbus de afstand foutief inschatte. Deel 7 is nog duidelijker: ‘De aarde is rond, dat wisten ze in de middeleeuwen al.’ In de nieuwere methoden van Malmberg, Brandaan en Argus Clou, professor in alles, keren alle oude clichés echter in dubbele omvang terug.

‘Vroeger dachten de mensen dat de schepen van de aarde af konden vallen,’ aldus Brandaan.
‘Vroeger dachten de mensen dat de schepen van de aarde af konden vallen,’ aldus Brandaan.

Voortgezet onderwijs

Spreken de verschillende lesmethodes van Malmberg voor het lager onderwijs elkaar tegen, bij die voor het voortgezet onderwijs gebeurt dit zelfs binnen één methode. Zo stond in Memo (2008) voor vmbo/havo dat ‘veel mensen’ in 1492 nog niet wisten dat de aarde rond was, maar in de tweede fase lazen de havisten dat ‘alle Europeanen’ dat juist wel wisten.
In Feniks vernemen vmbo- en havoleerlingen dat ‘de meeste mensen dachten dat de aarde plat was’, maar vwo-leerlingen in plaats daarvan dat Columbus ‘door de wetenschapper Toscanelli overtuigd’ was van de mogelijkheid Indië via het westen te bereiken.
Vergelijkbaar waren de verschillen in Geschiedeniswerkplaats. Het vmbo leerde in 2007: ‘Hoewel veel mensen nog dachten dat de aarde plat was, geloofde Columbus dat de aarde rond was.’ Voor het vwo heette het in 2009: ‘Weliswaar waren de meeste geleerden ervan overtuigd dat de aarde rond was, maar doordat ze naar de omtrek ervan slechts konden gissen, was de duur van een reis over de oceaan niet te voorspellen.’
Uit de jongste edities van Geschiedeniswerkplaats is de platte aarde grotendeels verdwenen. Toch staat in het tweede deel voor havo/vwo uit 2013 nog altijd: ‘Sommige zeelui dachten dat de aarde een platte schijf was. Geleerden wisten wel beter.’ In de voorafgaande editie waren het ‘de meeste geleerden’. Men past dus aan, maar halfslachtig.
Ook uit de jongste editie van Memo is de platte aarde goeddeels verdwenen, maar Columbus’ redenering, ‘als de aarde rond is, dan moet ik ook via het westen in Indië kunnen komen’ suggereert nog steeds dat het om een hypothese gaat. Verder wordt de zogenaamde Psalter mappa mundi afgebeeld, waarvan, terecht, wordt gezegd dat ze ‘vooral een symbolisch en godsdienstig doel’ had. Maar door bespreking van deze dertiende-eeuwse kaart in de aanloop naar de ontdekkingsreizen blijft ook hier de notie hangen dat het om een als realistisch beschouwd middeleeuws wereldbeeld zou gaan.
In Sprekend verleden wordt dezelfde mappa mundi inderdaad gepresenteerd als ‘hoe men over het algemeen over de wereld dacht’ — eerst door de ontdekkingsreizigers ‘bleek dat de aarde rond was, al wilde lang niet iedereen dat direct geloven.’ Zelfs Isidorus van Sevilla (±560-636) heet er nog een geleerde die de bolvorm van de aarde verwierp. Zijn rudimentaire wereldkaart is echter – net als de daarvan afgeleide mappae mundi – veeleer een geschematiseerde, rond Jeruzalem geconcentreerde afbeelding van de bekende en bewoonde zijde van de aardbol.

Schooltelevisie

Ten slotte de Nederlandse schooltelevisie. Voor leerlingen van 13 tot 15 jaar staan er twee filmpjes online over Columbus. In beide wordt verteld dat de zeelui bang waren van de aarde te vallen.

Oorzaak

Dat de mythe van de platte aarde zo’n hardnekkig bestaan leidt, komt doordat hij onderdeel is geworden van een veel oudere mythe, namelijk dat de middeleeuwen een periode van louter stilstand en achteruitgang was die pas eindigde met de renaissance, de wedergeboorte van de klassieke beschaving. Die mythe stamt al uit de renaissance zelf. Giorgio Vasari (1511-1574), introduceerde de term (evenals ‘gotisch’, dus barbaars, voor de architectuur van voor zijn tijd). Boeken als Burckhardts Die Kultur der Renaissance in Italien (1860) hebben de negatieve beeldvorming definitief in ons historisch bewustzijn verankerd. ‘Secoli bui’ (donkere eeuwen), een term die Francesco Petrarca ooit bedacht voor de eerste, chaotische eeuwen na de val van Rome in 476, verwerd tot de benaming voor een heel millennium.

L’image du monde van Gautier de Metz (1245)
L’image du monde van Gautier de Metz (1245)

Hoewel door historici het veel te negatieve beeld van de middeleeuwen (en veel te positieve beeld van de renaissance) allang is verlaten, lijkt het daarbuiten onuitroeibaar. Vooral op lagere scholen wordt de mythe van de achterlijke middeleeuwen nog volop in stand gehouden. En ja, grote kans dat een middeleeuwse boer uit de Peel niet wist dat de aarde rond was. Maar dat gold evenzeer voor die antieke boer uit de Peloponnesos. Toch is de teneur dat ‘men’ het in de oudheid wist, maar het in de middeleeuwen was vergeten.

Dat de middeleeuwen van veel groter belang zijn geweest dan de renaissance voor, bijvoorbeeld, de ontwikkeling van ons wetenschappelijk denken (logica, empirisme, kennisleer), dat middeleeuwse universiteiten bolwerken waren van kennis en wetenschap, waar zaken werden bedacht en onderwezen die soms pas eeuwen later gemeengoed werden, op school zul je het niet horen. In plaats daarvan moeten kinderen nu bootjes tekenen die van een pannenkoek varen, om zo ‘begrip’ voor de denkwereld van de middeleeuwer te ontwikkelen.
En dat terwijl er toch zoveel goede afbeeldingen te vinden zijn, zoals de beroemde miniatuur uit een uitgave van Gautier de Metz’ L’image du monde uit 1245 die ik nog in geen enkel schoolboek ben tegengekomen: als twee mannen rug aan rug staande gaan lopen, komen ze elkaar aan de andere zijde van de wereld neus aan neus weer tegen.
Wie deze miniatuur eens heeft gezien hoeft nooit meer aan een pannenkoek te denken.

Literatuur

Genoemde lesmethodes (de jaartallen verwijzen naar de geraadpleegde drukken, doorgaans de laatste).

Voor de pabo:
Geschiedenis geven. Praktische vakdidactiek voor het basisonderwijs. Assen: Van Gorcum; 2004, 2013.
Van huis uit. Compacte geschiedenis voor de pabo. Baarn: HB Uitgevers; 2005.
Geschiedenis en samenleving. Kennisbasis inhoud en didactiek. Groningen/Houten: Noordhoff; 2013.
Aardrijkskunde en didactiek. Bronnenboek. Groningen/Houten: Noordhoff; 2009.
Onvoorspelbaar verleden. Geschiedenis van prehistorie tot heden. Assen: Van Gorcum; 2005.
Basiskennis geschiedenis. Groningen/Houten: Noordhoff; 2011.

Voor het basisonderwijs:
Een zee van tijd. Geschiedenismethode voor het basisonderwijs. Tilburg: Zwijsen; 2003.
Tijdzaken. Tilburg: Zwijsen; 2013.
Bij de tijd. ’s-Hertogenbosch: Malmberg; 2007.
Brandaan. ’s-Hertogenbosch: Malmberg; 2008.
Argus Clou, professor in alles. ’s-Hertogenbosch: Malmberg; 2012.
Speurtocht. Utrecht/Zutphen: ThiemeMeulenhoff; 2011.
Spoorzoeken in de tijd. Groningen: Wolters-Noordhoff; 2003.
Tijdstip. Groningen: Wolters-Noordhoff; 2004.
Wijzer door de tijd. Groningen/Houten: Noordhoff; 2006.

Voor het voortgezet onderwijs (van alle lesmethodes bestaan vele verschillende edities voor vmbo, havo en vwo, onderbouw en tweede fase):
Feniks. Amersfoort: ThiemeMeulenhoff; 2008-2012.
Geschiedeniswerkplaats. Groningen: Noordhoff; 2007-2013.
Memo. ’s-Hertogenbosch: Malmberg; 2008-2013.
Sprekend verleden. Zutphen: Walburg; 2011-2012.

Schooltelevisie:
http://www.schooltv.nl/video/histoclips-de-ontdekkingsreizen-van-columbus; 2010.
http://www.schooltv.nl/video/columbus-de-ontdekkingsreiziger-geen-indie-maar-amerika; 2011.

Uit: Skepter 27.1 (2015)

Bernard Vermet is kunsthistoricus